Als diamanten schitterend

Twaalf maart. Een straffe noordooster blaast over het land. Hemel strakblauw en temperatuur iets onder nul. De zon laat het zwarte, door rietkragen omgeven water schitteren en glinsteren. De golfjes op het water van de plas zijn kort en klein, precies zoals het meertje zelf. Een paar centimeter, hoger komen de golfjes niet.

De grijsbruine rietstengels buigen mee in de wind met een enkele halm die verderop in de plas ooit voedzame veengrond onder de voeten vond. Vooral de eenzame pluimen zijn mooi. Opgeheven door een klein kransje van aangegroeid ijs lijken ze boven het water te zweven. Het klotsende water tegen de stengels van de wuivende halmen zorgde voor opspattende waterdruppeltjes. Langzaam vormden die druppeltjes een soort horizontale ijspegels, helemaal rondom de stengel.

Zonlicht weerkaatst in de tientallen stukjes ijs, vastgevroren aan de halmen. Als diamanten schitterend, gestikt op een zilveren gewaad. Allemaal tegelijk dezelfde kant op. Het ritme van de wind. Dan weer iets harder, dan weer even bedrieglijke rust.

En dan ben je er al weer voorbij. Weer die trein door dat kleine stukje onbebouwde randstad.

 

 

 

In je laarzen door de modder

In de trein langs Veertigmorgen, het Naardermeer en de Wijde Blik. Alle schakeringen bruin. Het dunne laagje ijs op het zwarte water. De rietkragen, het veen. Een enkele kale boom. Dat alles badend in de felle winterzon. Een enkele roofvogel schiet door de lucht. Ploeterende ganzen aan de waterkant. Hadden ze toch maar verder zuidwaarts moeten vliegen.

Delfs blauw en dan de Wijde Blik?

Vanuit de te warme coupé met kille, grijswitte wanden en helblauw meubilair krijg ik een onweerstaanbare drang om naar buiten te gaan. Laarzen aan en banjeren door de rietlanden en de half ondergelopen weilanden. Te struinen door het kreupelhout en te zien wat het gebladerte vanaf het voorjaar weer allemaal verbergt.

De koude droge lucht inademen. Geen telefoon of andere zaken in mijn zakken. Gewoon, zo’n rugzak mee met een thermosfles en een stel bruine boterhammen met kaas. En natuurlijk een koek gevuld met amandelspijs. Een stroopwafel mag ook.

Verrekijker mee. Kompas. Al is het maar voor het idee. Een kaart, misschien?

En daar is de ringdijk al weer. Einde leegte. Keurige jaren-tachtigbouw aan de Naardense kant. Bussum. Bussum zuid. Hilversum Noord. Uitstappen. Uitchecken.

Weg droom?

Of ben ik het die wegdroomt. Mijn geest verlangt naar een tijd waarvan ik me afvraag of die ooit echt bestond. Het klinkt zo absurd simpel. Zo simpel dat het in Nederland vrijwel niet haalbaar is zonder regels te breken.

Gelukkig is er een officiële weg naar een officiële vogelspothut. Kun je lekker met je verrekijker, bruine bammetjes en thermosfles net doen alsof.

Nog geen 5 minuten te laat in Stratford-upon-Avon

Het duurde even, maar uiteindelijk ging de trein toch. Na een treinreis van iets meer dan 51 minuten kom ik met een kleine vertraging aan in het stadje wat geen Amerikaan-in-Europa links laat liggen. Het station is praktisch verlaten op de politie na. Die oefent haar taak uit en neemt een stoute reiziger-zonder-kaartje mee naar een klaarstaande politieauto en de rust is weergekeerd. De paar mensen die uit de trein stappen zie je denken: “Mooi is dat, door die raddraaier hebben we toch nog vertraging. Foei!”

Het station ligt aan een grote bouwput. Ik volg de locals richting het ‘centrum’, dat is ten slotte iets wat je altijd moet doen, locals volgen. Er staan wat oude borden met de mededeling dat er echt méér is in Stratford dan alleen maar Shakespeare. Dat belooft wat. Laat ik die bordjes volgen. Helaas, ze blijken naar nergens te wijzen en zo val ik met mijn neus middenin een kerstmarkt.  De kerstmarkt in S-u-A bestaat in tegenstelling tot die in Birmingham niet uit vreetschuren, maar vooral snuisterijen en duurdere souvenirs. Ik laat mij verder leiden door de bordjes richting Shakespeare’s geboortehuis en voor ik het weet ben ik er al voorbij. Oh hier, dat huis waar een hekje omheen staat. Nou, vakwerk. Check. Naar binnen gaan, nee, geen zin in.

Op wacht zwemmende zwaan
Op wacht zwemmende zwaan

Verder wandelend, blijkt dat het een heel klein stadje is met een uit de kluiten gewassen theater en heel veel B&B’s en hotels. En dan ben je er al weer doorheen. Ergens vlakbij een standbeeld van de grote bard in oostelijke richting vanuit de stad, zit een sluisje. Voor dit kleine waterslot zwemt een zwaan agressief heen en weer. Telkens piept hij met zijn snuit door een open gedeelte van de sluisdeur. Ik loop enigszins omzichtig naar de andere zijde van de sluis. Het dier heeft duidelijk een gevecht gewonnen (of verloren) en zoekt nog steeds naar zijn vijand. Deze heeft in ieder geval de benen genomen. Slechts wat plukjes veren in het lager gelegen water aan de andere kant van de sluisdeur getuigen nog van wat hieraan vooraf ging. Read more

Op weg naar de trein met bestemming Stratford-upon-Avon

Naar Shakespeare! Of althans, de geboorteplaats van de beste man. Van Birmingham Moor Street Station 51 minuten in zuidelijke richting naar Stratford-upon-Avon. 51 minuten in een dieseltrein dwars door het mij vrijwel onbekende landschap van de Midlands. Langs kanalen en heuvels, noestige eiken en oude dennen. Ja, ik hou van treinen, ook met de oncomfortabele probleempjes die er soms bij horen.

Direction Pritchatt's Road, I'think...
Direction Pritchatt’s Road, I’think…

Zelf ben ik ook vaak te laat, want nog even die ene mail… Dus in tegenstelling tot mijn plan de trein van half elf te halen, werd het met enige haast die van half twaalf. Snel het station in. Lange rij Japanners voor het loket. Hop, naar de automaat. Klikken op het scherm, iets met toch maar een duurdere retour, dan mag je ook in de spits reizen. Credit card erin. Flop-flop. Mijn kaartjes. Rap door de poortjes en…

Read more

NS Kortingskaarten – Dag Voordeelurenabonnement

De Nederlandse Spoorwegen werkte zonder veel ruchtbaarheid aan nieuwe kortingskaarten. En ondanks dat daar enkele interessante oplossingen bij zaten, was er ook kritiek. Die kritiek kwam van verschillende organisaties uit het LOCOV1. De oude abonnementen en kortingskaarten waren te simpel volgens de NS en men bedacht zich dat het handig zou zijn om zes verschillende opties te introduceren. Ondanks dat men zich kan gaan afvragen of het praktisch is mensen zoveel verschillende keuzes met deels overlappende voor- of nadelen te geven, leek het in ieder geval een handreiking naar de reiziger, die door de verschillende belangenorganisaties positief werd ontvangen.

Het heikel punt bij de nieuwe abonnementsvormen is het voortbestaan van of – zoals nu blijkt – het afschaffen van het Voordeelurenabonnement (VDU) in de oude vertrouwde vorm. Het VDU gaf recht op korting tussen 9:00 uur ‘s ochtends en 6:30 de volgende ochtend. De reiziger kon 2,5 uur per dag niet genieten van de 40% korting. Erg haalbaar en goed planbaar voor de regelmatige reiziger: soms had je ‘pech’ en moest je echt voor negen uur weg, maar de rest van de dag kon je makkelijk plannen.

Het VDU is nu weg. Er is een ander type voor in de plaats gekomen voor 50 euro per jaar: 40% korting in de daluren, dat betekent: tussen 6:30 en 9:00 uur én tussen 16:00 en 18:30 geen korting. Er is wel een abonnementsvorm (Altijd Voordeel) waarbij men een korting van 20% geniet in de spitsuren en daarbuiten 40%, maar dit abonnement kost 25 euro per maand. Het ‘oude’ abonnement was 60 euro per jaar en lijkt nog het meest op het Dal Voordeel. Klinkt verwarrend lijkt me.

Het advies uit de brief van het LOCOV is af te zien van het introduceren van een avondspitsbeperking bij de directe opvolger van het VDU-abonnement omdat de VDU-formule zo succesvol is, mede door zijn eenvoud. Als men dit advies niet wil overnemen, wil men in ieder geval meer evenwicht in de prijsverhoudingen zien dan die het geval waren tijdens het schrijven van de betreffende brief. Naar nu blijkt is aan geen van beide adviezen gehoor gegeven.

Het invoeren van de ‘avondspits’ is iets waardoor mensen ineens moeten gaan rekenen met een ‘Dal Voordeel’ abonnement. Als voorbeeld neem ik de regelmatige reiziger die reist wanneer hij dat wil. Niet de trajectreiziger (die heeft waarschijnlijk toch al een trajectkaart), niet de 65-plusser, niet de student, niet een kind, niet een van die makkelijk indeelbare groepen, nee, gewoon een reiziger, een nomade tussen steden. Dat type wat al sinds het inleveren van zijn OV-studentenkaart een VDU heeft. Dat type, wat nooit de trein uit gegaan is omdat hij een leasebak onder zijn kont kreeg. Het enige waar deze reiziger rekening mee hoefde te houden met het oude VDU abonnement is de ochtend, wil hij vroeg reizen, dan is het duidelijk. Maar deze reiziger kan besluiten een trein om 15:06 ‘s middags te nemen of om 18:18 of om 22:28 of om 10:12. Deze reiziger gebruikt waarschijnlijk ook een OV-fiets en alles wat er verder mee te maken heeft. Ze schikken zich makkelijk naar drukte, rust, vertraging of ander ongemak. Die reiziger wordt ineens een avondspits in de maag gesplitst.

De avondspits bestaat. Op de weg vooral. Maar ook bij uitval van een trein. Aan de andere kant is het arrogant om te denken dat de avondspits over heel het land zo vol is als bijvoorbeeld tussen Utrecht en Amsterdam. Als je om 17:46 in de rechtstreekse trein naar Den Haag stapt in Groningen, dan ben je verzekerd van een zitplaats. Het is zelfs niet heel erg vol. 2 uur en 36 minuten later sta je dan om acht voor half negen midden in Den Haag op het Centraal Station. In die tijd betaal je de volle mep van 23,40 terwijl als je om 15:46 vertrekt en je het grootste gedeelte van de tijd tijdens die mooi bedachte avondspits in de trein gaat zitten, ben je om 18:22 in Den Haag terwijl je slechts 14,40 lichter bent met je 40% korting. Nu had je ook kunnen kiezen die kaart die 25 euro per maand kost te nemen, zodat je 20% korting kreeg en voor 18,80… Aan de andere kant, was het misschien voordeliger geweest om een Weekend Vrij abonnement te nemen?

Het hiermee bezig zijn, is zo onbevredigend dat het voor de meeste mensen al snel het verkeerde keelgat in zal schieten. Het eerste advies van het LOCOV “Zie af van het introduceren van een avondspitsbeperking bij de directe opvolger van het VDU-abonnement. De VDU-formule is – mede door zijn eenvoud – dusdanig succesvol, dat de NS hier niet aan zou moeten willen tornen.” zou toch echt ter harte genomen moeten zijn.

Helaas is dat laatste niet zo. Over een klein jaar moeten de kaarten geevalueerd worden door een aangenomen motie Van Gent (motienr. 32404 – nr. 42) . Ik kan geen koffiedik kijken, maar ik geloof niet dat er veel huidige VDU-houders over zullen stappen. Wel denk ik dat er nieuwe reizigers bijkomen met de andere abonnementen. Helaas lijkt de reiziger die de trein gebruiken als allerhande vervoermiddel er het meest bekaaid af te komen.3

1Landelijk Overleg Consumentenbelangen Openbaar Vervoer: Ministerie van Verkeer en Waterstaat, NS, Prorail, ANWB, Consumentenbond, Chronisch Zieken en Gehandicapten Raad Nederland, Fietsersbond, Landelijke Studentenvakbond, Ouderenorganisaties CSO en ROVER.
2http://www.rover.nl/downloads/Locovadvies_NS_portfolio.pdf –> NIEUWE LINK via Locov.nl
3Volgens de Abonnementenwijzer krijg ik het advies mijn huidige abonnement te behouden, tja.. dat had ik ook al kunnen bedenken of anders het Weekend Vrij abonnement, wat dus 40 euro per maand kost, terwijl mijn huidige abo 60 per jaar kost

Stations en vertragingen

Is vertraging per definitie heel vervelend? Soms valt het best mee als je wat speling hebt. Vaak kan ik best mijn ding doen op mijn netbookje waar dan ook in het land. Zo ook een vertraging hedenochtend. Een storing. Deze was al bekend en ik dacht: ach, ik wissel dan in Hilversum even van trein, neem daar de eerstvolgende en dan hoef ik in Amersfoort niet over te stappen, waarna ik rechtstreeks naar Groningen kan. Helaas, ergens kwam er een nieuwe kink in de kabel en dat plannetje werd gedwarsboomd.
Hilverdorp. Heerlijk..
Eigenlijk wilde ik er niet heel chagrijnig van worden, want dat is alleen maar vermoeiend. Alleen, station Hilversum. Je kunt daar nergens zitten, behalve op de wachtbankjes op de perrons zelf. Er zijn in de stationshal enkele uitbaters aanwezig die prijzige koffie en broodjes serveren, maar dat wil niet zeggen dat er plaatsen om te zitten zijn. Er is nog een of ander burger ‘restaurant’ waar skai-lederen krukken staan, maar zitten… Nog steeds niet echt verleidelijk. Op zich had ik naar een etablissement in de buurt kunnen stiefelen, ware het niet dat er niet veel in de buurt van het Hilversumse station is, laat staan dat er iets in Nederland open is voor 9 uur ’s ochtends.

Dat zette me aan het denken: is Amersfoort een station waar praktische, maar fijne bankjes en tafeltjes staan waar de wachtende reiziger langer dan een kwartier prettig kan vertoeven, misschien zelfs wel met eigen meegebrachte etenswaren? Neen, helaas daar ook niet. Ik kon me eigenlijk geen enkel modern station voor de geest halen waar je prettig kunt zitten. In enkele van de in de afgelopen tien jaar gerenoveerde stations bevinden zich mooie, fijne ruimtes waar voorheen de derde klasse (staand), de tweede of de eerste klasse (zittend) kon wachten op treinen die toentertijd niet zo frequent kwamen als tegenwoordig. Alleen zijn deze ruimtes het domein geworden van te dure boterhambesmeerders, waardoor het verboden is eigen meegebracht voedsel verorberen of de dorst met eigen drinken te lessen.

Is de ruimte zo kostbaar geworden dat er vrijwel nergens meer openbare ruimte te vinden is waar men kan vertoeven zonder dat men zich over moet geven aan consumeren van uitgestalde producten? Op vliegvelden, waar lang wachten de regel is, lijkt er wel voldoende ruimte gereserveerd te zijn voor lang wachten en normaal zitten zonder dat met verplicht wordt tot het afnemen van bepaalde producten. Niet dat je daar niet toe verleid wordt, maar dat is een ander verhaal.

Zeker met de huidige verbindingsmogelijkheden zouden vertragingen of andere wachtmomenten probleemloos omgezet moeten kunnen worden in productieve momenten of (ook niet onbelangrijk) gewoon even rust. Gek genoeg lijkt dit onmogelijk gemaakt te worden door allerhande ‘planners’ die de wereld ervan proberen te weerhouden ooit zomaar te kunnen gaan zitten en zonder restricties je thermoskan koffie op een tafel te zetten.

Metalen [insert name here] in de trein

Eenieder die wel eens in opgeknapte Koploper-treinen zit zal het niet zijn ontgaan. Aan de voorliggende rugleuning bij een tweezitsplaats zit een tafeltje. Bij het neerklappen van het tafeltje blijkt er een metalen beugel te zitten tussen de rugleuning en het tafeltje. Waar is dat ding toch voor?

Treinbeugel tussen tafel en stoel
Treinbeugel tussen tafel en stoel

Momenteel heb ik enkele mogelijkheden bedacht. De meest logische is natuurlijk om een mok met drank van keuze tussen te zetten zodat bij een onverwachte beweging van de trein de beker niet aan de wandel zal gaan of de kleding zal bevuilen.

De naamloze beugel houdt een mok tegen
Een koffiemok (waar eigenlijk alles in kan) veilig weggezet

Later bedacht ik me dat je er prima een boek onder kunt klemmen en zo niet je handen nodig hebt om de pagina’s plat te houden.

Boek onder beugel, WF Hermans, Een heilige van de horlogerie
Boek onder Beugel

Nog veel later bedacht ik me dat je er zo’n Kensington-slot probleemloos aan vast kunt maken om de laptop of iets anders met zo’n aansluiting veilig te stellen tijdens de mogelijke toiletgang als het de eenzame reiziger betreft.

U ziet: de Kensington-sleuf en ethernetaansluiting van mijn Asus Eee 901 met 4/16 GB ssd @ Jolicloud (OS)
Kensingtonsleuf en linksachter de beugel…

Of men kan de hond er aan vastmaken en zelf snel de trein verlaten. Ditzelfde zou met een kind kunnen gebeuren natuurlijk. Het is natuurlijk goed mogelijk dat er een andere, meer unieke reden voor het bestaan van deze beugels bedacht is en zo zouden ze dan ook genoemd moeten worden. Ik ben erg benieuwd naar de werkelijke naam.