ArtZuid: Beeld in tien delen

ArtZuid: Beeld in tien delen

Een opvallend werk op ArtZuid, vooral omdat het eerst niet zo opvalt tussen het nu zo frisse groen: “Beeld in tien delen” van Leo de Vries.

Leo de Vries, Beeld in tien delen
Leo de Vries, Beeld in tien delen, steen, 1970

De beeldengroep is voor de argeloze fietser of wandelaar in eerste instantie niet heel opvallend. Juist het passeren zorgt voor het effect: ineens heb je een gevoel iets heel bekends te zien. Enkele seconden later is dat gevoel weer weg en zijn de stenen weer een eigen vorm.

Mijn eerste indruk was dat ik enkele van de bekende Moai van Paaseiland in mijn ooghoek zag en dat is precies wat de kunstenaar volgens het bordje bedoelde. Toch fijn dat het ook zonder bordje duidelijk werd.

Een mooie, saaie straat, die Apollolaan…

De Apollolaan. Mooi en saai. Net iets te veel stoplichten om een beetje door te kunnen karren op je fietsje. Gelukkig zijn er dingen die af en toe iets, al is het maar tijdelijk, interessanter maken. In dit geval is dat ArtZuid. Ineens wil je dat de stoplichten iets langer op rood staan.

Het is toch spijtig dat er zo weinig met interessante kunst in de openbare ruimte gebeurt in Nederland, al is ook duidelijk waarom: de meeste objecten zullen op veel plekken slechts een kort leven beschoren zijn.

Maar een korte omweg via het reservaat is nu in ieder geval aan te raden.

Zitten op een Amsterdammertje

Zitten op een Amsterdammertje. Zou het ooit? Ik moet denken aan Joop Klepzeiker, een stripantiheld uit het begin van de jaren ’90. Ik zie de enorme schoolagenda’s onder dezelfde naam weer voor me waarin vrouwen in nietsverhullende kleding en netkousen het puberbrein op hol moesten brengen. De strip speelde zich af op en rond de Wallen en de metafoor die de alom aanwezige Amsterdammertjes uitbeeldden, was niet te missen.

De tijd gaat verder. Plannen om ze af te schaffen! Dat mocht toch niet gebeuren. Ze staan er nog steeds. Wie heeft er niet ooit eens ruzie mee gehad. De trappers van de fiets, de bumper van de auto of gewoon per ongeluk over het hoofd gezien. Toch schreeuwde iedereen moord en brand bij het idee van weghalen.

Ze staan er dus nog steeds. Sommige kroegbazen zullen ze af en toe in proberen te zetten als extra barkruk door er iets op te zetten. Maar dat mag niet van de welstandscommissie, of de politie, of iemand anders. Nee, het is afrastering: hierbuiten mag u niet lopen, hierbinnen mag u niet fietsen. Anders wordt u beboet. Niet dat het ooit gebeurt, maar toch. Regels zijn regels.

Gelukkig zijn er andere Europeanen, Italianen in dit geval, die altijd fietsen tegen die vermaledijde paaltjes zien staan. En de zadels van de fietsen die er net bovenuit torenen. Ze maakten een mooie combinatie van het Amsterdammertje en de fiets en noemden het een ‘zitpaaltje‘. Ziehier de eerste test in de publieke ruimte op de brug over de Keizersgracht tussen de Leliegracht:

 

Café de Nichtlamp (of Nicht Lamp)

Of “Café de Nightlamp”, aldus museum Boijmans van Beuningen in de grote overzichtstentoonstelling over Kees van Dongen. Een ernstige fout of ben ik gewoon niet goed in het lezen van de Nederlandse taal uit het begin van de 20ste eeuw? Oordeel zelf:

Kees van Dongen - Café de Nichtlamp
Kees van Dongen – Café de Nichtlamp
Het bewuste bordje

 

Mijns inziens is dit een ernstige fout. Bijna Geschiedvervalsing. Kan ik de betreffende tentoonstelling nu nog wel vertrouwen? Kloppen er meer dingen niet? Hebben we te maken met een snel opgezette copy-paste tentoonstelling? Hoe is het gesteld met de andere teksten? Hoe zorgvuldig was het onderzoek eigenlijk?

De tentoonstelling is nu bijna afgelopen en ik ben nog niets op internet tegengekomen over falende inhoud of niet kloppende teksten. Ik kom eigenlijk niets anders tegen dan het gekopieerde persbericht of bewerkingen daarvan. Na acht pagina’s googlen op de tentoonstelling zelf, eindelijk iets anders tegen dan het persbericht, namelijk twee blogberichten en die komen ook nog van dezelfde blog.

Terug naar mijn queeste: een  Google-actie op “Cafe de Nichtlamp” en “Cafe de Nightlamp“. In het eerste geval twee resultaten en bij het tweede slechts een. Met mijn post erbij resp. drie en twee. De los geschreven varianten dan? “nicht lamp”: nul hits en met het correct gespelde “night lamp” heel veel nachtlampjes. Dat wel.

Naar hoeveel invloed Google heeft bij waarheidsvinding deed Ewoud Sanders eind 2007 een klein onderzoekje in de NRC. Hij ging aan de slag met “ik word” en “ik wordt”. Toentertijd was het al erg verwarrend welke van de twee won, nu is het zo dat als je “ik wordt” zonder aanhalingstekens invult, hierbij de meeste resultaten gevonden zullen worden (25 miljoen tegen 20,5 miljoen). Voor de twijfelende schrijver staat hier: “ik wordt is goed, want het levert meer resultaten op”.

Dit geeft aan hoe bezwaarlijk het is zo’n ogenschijnlijk kleine fout niet recht te zetten. Het grote aantal tentoonstellingsbezoekers zal er toe leiden dat er tijdelijk een Van Dongen-run is. Hierbij gaan voornamelijk ijverige pensionado’s zoeken naar informatie. Dit gaat geprint een ordner in om bewaard te worden voor het nageslacht. Voor je het weet staan bij de weinige resultaten rond dit kleine werkje, de resultaten met de verkeerde titel bovenaan. En, zoals men weet, bovenaan staan telt.

In het geval van dit kleine werk staat de titel gelukkig erg goed leesbaar op het raam van het café geschilderd. In de toekomst zal het zoeken naar de ware titel in dit geval waarschijnlijk weinig problemen opleveren als iemand het ergens ooit zal gebruiken. Maar toch.