'Stole' this picture from Arstechnica Why I use a 20-year-old IBM Model M keyboard. When ever I encounter one myself, I'll take my own pic!

Beter typen (als je dat toch al blind doet)

IMG_20141029_155945
Ouwe tobo

Jaren typte ik op kantoor op een of andere ouwe ramplank. Hij was al oud toen ik hem ‘overnam’. Eigenlijk werkte de linker shift niet zo lekker en vaak bleven ook andere toetsen hangen. Heel onhandig allemaal, zeker voor een blindtyper.

Toevallig kwam afgelopen jaar af en toe iets langs over ‘mechanische toetsenborden’ met als iconische voorloper het IBM Model M toetsenbord. Daar typte ik als kind ook op. Later gebruikte ik M nog een blauwe maandag toen ik net op kamers zat. Helaas is dat toetsenbord ooit ‘uitgeleend’ en die zie je dan nooit meer terug:

“Hij was toch oud?”
“Ja, maar deed ie het nog?”
“Ja, maar hij was toch oud?”

Model M is nog steeds als tweedehandsje te krijgen en er wordt lachend 50 tot 70 euro voor gevraagd op Marktplaats of Ebay. Dat is nog steeds goedkoper dan de meeste nieuwe mechanische toetsenborden, maar die hebben dan wel één ding wat M niet heeft: multimediatoetsen.

Niet dat ik er veel ‘nodig’ heb, alleen ik ben wel heel erg blij met een volumeknop en voor mute, play en pause.

'Stole' this picture from Arstechnica Why I use a 20-year-old IBM Model M keyboard. When ever I encounter one myself, I'll take my own pic!
Model M, die met de PS/2 poort geleverd werd

Maar mocht ik ooit nog een oude Model M tegenkomen bij iemand die hem ‘per ongeluk’ wegdoet, dan neem ik hem graag mee. Nu werd het toch een Das Keyboard met blauwe switches. Over die laatste twee woorden, zijn hele studie’s op internet te vinden, dus hier laat ik het wat de technische kant betreft even bij.

Kwaliteit

Ik hou me even bij de toetsenborden. De meeste mensen typen tegenwoordig heel wat af op een laptop. Prima natuurlijk. Lekker voorovergebogen boven je apparaatje. Een enkeling gebruikt een standaard en dan is er een extra muis en toetsenbord nodig. Tenzij je de spullen constant meesleept, begrijp ik niet dat mensen voor het allerlaagste bedrag een minimuisje met een kloterig pruttoetsenbordje kopen. Ze functioneren vaak wel en de levensduur is soms langer dan je denkt (“ach, wat maakt die ene lamme toets nou uit! Dan druk ik wel wat harder…”), maar echt lekker werken…

Grappig genoeg, maar niet onlogisch, komt vrij veel kwalitatief goed en stevig spul uit de game-wereld. Vaak zijn de ontwerpen monsterlijk, maar daar moet je dan misschien een oogje voor dichtknijpen. De prijs van de gemiddelde gamer-ramplank ligt meestal niet zo hoog door de ledjes en andere onzin. Nee, ze moeten heel wat agressie kunnen doorstaan voor langere tijd achter elkaar. En dat kost wat.

De liefde voor mechanische toetsenborden van gamers komt mede door de feedback die je krijgt (of juist niet krijgt) en zo hoef je je niet af te vragen of je een toets nou wel of niet ingedrukt hebt, iets wat ook heel erg handig is met mensen die heel veel moeten typen. Gelukkig zijn er ook merken van mechanische tobo’s die er wel zakelijk uitzien, zoals Das Keyboard, Ducky en Filco. Of een nieuwe oude van Unicomp.

Iedereen moet het natuurlijk zelf weten, maar ik snap niet dat mensen lachend eens per zoveel jaar honderden of soms wel duizenden euro’s aan laptops of andere computerapparatuur uitgeven, maar daar een toetsenbord en muis van een tientje aanhangen (aan de andere kant hield ik het op kantoor ook heel lang uit met af en toe een scheldkanonnade omdat een bepaalde toets bleef hangen).

Voor mij was dit de laatste invoerapparatuuraankoop die er mijns inziens toe doet (muizen, hun matten en headsets had ik al ;) )

Mijn thuistoetsenbord is zo heel slecht nog niet, maar na deze clicky-keys-ervaring zou het zomaar kunnen zijn dat er wellicht misschien heel per ongeluk nog ergens een potje gevonden gaat worden ;-)

Touchscreens voor de gevoelige mens

De grote vraag is: wie komt met de volgende touchscreen-vernieuwing? In eerdere artikelen ga ik in op touchscreens en de historie die teruggaat tot ver in de jaren ’70 van de twintigste eeuw. Dat het tot 2006 moest duren voordat deze schermen niet meer alleen voor, nou ja, nerds waren, behoeft geen uitleg.

Tactile display, credits ACM
Links het tactiele scherm, rechts de schematische werking.

De next big thing in schermbediening zal wat dat betreft nog wel even op zich laten wachten voordat het bij het grote publiek doordringt. Maar waar wordt nu mee geëxperimenteerd? Wat gebeurt er nu in de laboratoria? Men is in ieder geval op zoek naar gevoel op je scherm. Een scherm waarbij je tastzin geprikkeld wordt zodat je weet waar je zit en wat je doet. Als je een schijf draait, draai je ook voor je gevoel een schijf rond. Als je ergens een on-screen schakelaar omhaalt, voel je verschil en als je een scroll bar naar beneden trekt, krijg je hier terugkoppeling van. En alle mogelijkheden die nog niet bedacht zijn natuurlijk.

De University of British Columbia presenteerde onlangs een prototype van een systeem waarbij gebruik gemaakt wordt van hoog-frequente trillingen om zo een dunne laag lucht tussen het glas en de vingers te creeëren. De vinger glijdt makkelijk over de laag lucht en als de vibraties even stoppen, raakt de vinger het glas weer meer aan. Dit laatste voelt dan als ‘plakkerig’ of ‘stroef’. Door de trillingsfrequenties te varieëren, voelen verschillende stukken van het scherm anders aan.

Er zijn wel meer schermen op de markt die trillen bij het aanraken van een knop, maar deze trillen maar op een manier. Dit apparaat wordt een ’tactile pattern display’ (T-PaD) genoemd en is bedoeld om meer te doen dan alleen maar een trilling of een klik aangeven. Het doel is fysieke interactie te simuleren alsof je in de echte wereld bent.

De T-PaD gebruikt piëzo-elektrische schijven die op de glasplaat vastzitten. Als er een stroompje door de schijven gestuurd wordt, vibreren ze met 26 kilohertz en worden de trillingen door het glas gestuurd. Lasers volgen de beweging van de vinger om te weten waar op het scherm de vinger zich bevindt.

Uiteraard is het prototype nog verre van bruikbaar voor de eindgebruiker: het apparaat is log en gebruikt nog veel energie. Er gebeurt alleen maar iets als de vinger beweegt en op het scherm tikken doet ook niks speciaals. Uiteindelijk is het goed mogelijk dat dergelijke systemen in alledaagse artikelen worden geïntegreerd, maar het zal nog wel even duren.

Bron: paper Department of Computer Sciences, University of British Columbia
Technologyreview.com