Op naar het Ethereum Community Castle

Op naar het Ethereum Community Castle

Dromen zonder zorgen; een verslag van EtcCC 2018 in Parijs

“De gemiddelde leeftijd, ergens tussen de 25 en dertig?” schat iemand tijdens de koffie in een grote hoge ruimte in het Conservatoire des arts et métiers in Parijs. “Het valt hier nog mee, met veertig gaat het nog”, zegt iemand anders. “Bij Defcon in de VS ben je dan echt bejaard.”

(aan het eind van dit artikel staat een korte uitleg over het belang van publieke blockchains)

Auto-panorama van Google AI: binnenplaats Cnam. Spot Vitalik
Auto-panorama van Google AI: binnenplaats Cnam. Spot Vitalik

De licht vervallen maar toch statige locatie in het derde arrondissement van Parijs is het decor voor een conferentie rond een gemeenschap die, ondanks haar leeftijd, steeds meer invloed heeft op internet. En niet alleen daar. Ook in de hoofden van mensen. Deze gemeenschap, of beter gezegd: community, heeft zich los weten te weken van bestaande structuren op een manier die nog een stapje verder gaat dan het vroege internet: ze creëert waarde op een manier die nog niet eerder gezien is. Op die manier is er geld. Veel virtueel geld.

De groep mensen waartussen ik me bevind, is dan ook bezig met een bijzondere laag op internet, namelijk de transactielaag. Het stelt ze in staat om contracten op te stellen die zonder afhankelijk te zijn van banken en overheden tot stand komen, waaronder het verzorgen van vertrouwen tussen elkaar volstrekt onbekende partijen en daarmee van onschatbaar belang. Wat deze laag allemaal gaat brengen zal de toekomst leren, maar een belangrijk onderwerp als online identiteit die enkele honderden miljoenen mensen zonder papieren een status geeft, wordt al naarstig onderzocht. Buiten kijf staat dat veel van de projecten zullen falen en roemloos ten onder zullen gaan. Dat weet iedereen op de conferentie en niemand maakt zich er druk om.

Via Julien Bouteloup van flyingcarpet.network. Spot me zeg maar ;-)
Via Julien Bouteloup van flyingcarpet.network

Jong, onstuimig, onafhankelijk en gewend aan online leven, zonder centrale partijen of bazen. Ze zijn elkaars baas, medewerker en opdrachtgever tegelijk. Virtueel geld in de vorm van ether stroomt tussen de partijen. Dat en veel meer bindt deze gemêleerde, voornamelijk uit mannen bestaande, groep. De verschillende collegezalen of amphithéâtres puilen de komende dagen bij sommige van de in totaal 130 sprekers uit, zeker als de bedenker van de Ethereum-blockchain een verhaal houdt. Geen gezellig verhaal van een ceo die even zijn klantjes lekker komt maken. Nee, een diep-technisch verhaal zonder opsmuk. En ceo is hij, Vitalik Buterin, ook al niet.

Thailand

Op de ochtend van donderdag 8 maart loop ik via de Rue Saint-Martin richting het Conservatoire des arts et métiers of Cnam. Het begint om negen uur en kwart voor negen aankomen leek me ruim op tijd. Dat bleek uiteraard een verkeerde inschatting en sluit achteraan een lange rij. Later hoor ik dat er in totaal 650 mensen een kaartje kochten. Sprekers en andere genodigden worden door enigszins gestresste vrijwilligers van de Franse Ethereum-association Asseth uit de rij geplukt. Een vermakelijk gezicht.

Vrijwel direct kom ik in gesprek met iemand met een beduidend gezondere teint in vergelijking tot velen. Nee, hij woont niet meer in Frankrijk, maar ging ooit naar Thailand en bleef plakken. Er is trouwens een hele crypto-community in Thailand op het eiland waar hij woont. Eigenlijk begrijpt hij niet waarom we allemaal hier in dat koude Europa blijven hangen waar je schoenen moet dragen en een lange broek.

Menu
Menu

De organisatie is chaotisch maar geen onvertogen woord. Wegwijzers zijn er ook niet en niemand lijkt te weten waar wat is. Het grote binnenplein van het Cnam krioelt van de zoekenden waarbij de eerste levensbehoefte koffie lijkt. Dat blijkt wel goed geregeld: een zaal met cassettenplafond is omgetoverd tot kantine met een petit-déjeuner. Verschillende warmtekanonnen zorgen voor net iets te veel warmte. Wat onhandig stuntelt iedereen met de grote koffiecontainers en papieren kopjes en wat nou eigenlijk de regels zijn. Niemand lijkt nog heel erg op zijn gemak, maar iedereen weet dat je wel contact moet maken op een conferentie. Een jongen met een rond brilletje en vlassig, naar achter getrokken haar spreekt me aan. Wat ik doe. Tja, wat doe ik hier eigenlijk? Ik ben geen ontwikkelaar of programmeur, maar slechts al lange tijd geïnteresseerd volger van verschillende blockchainprojecten. Ik zeg dat me was verteld dat om Ethereum en de community te begrijpen, je naar dit evenement moest komen. Niet in de laatste plaats omdat dit de leukste en interessantste Ethereum-conferentie in de wereld is volgens de verhalen. Dus, tja, nieuwsgierig als ik ben.

Hij blijkt iets te doen waarvan ik echt nog nooit gehoord heb. Nou ja, als hij het uitlegt denk ik: logisch. Ja, dat is zeker nodig. Het gaat om een Next Generation Ethereum Virtual Machine Smart Fuzzer. Eigenlijk voel ik me gewoon onvoorstelbaar dom en onwetend. Later kom ik erachter dat ook ontwikkelaars zelf soms met hun oren zitten te klapperen tijdens sommige sessies. Sommige mensen zijn gewoon hypergespecialiseerd.

Ik probeer voornamelijk voordrachten op te zoeken waarvan ik denk die te kunnen volgen. Privacy- en identiteitsmanagement bijvoorbeeld. Of zaken rond ‘public goods’ wat over het algemeen gaat om non-profits en ‘blockchain for good’. Als ik die eerste dag denk dat ik vast wat op kan steken bij een applicatie-ontwikkelworkshop, blijkt vooral dat ik heel veel klokken ooit hoorde luiden, maar dat je er toch echt eerst in moet verdiepen. Jup, ik weet het. Graag zou ik daar eens tijd voor maken.

Nicolas Joseph Cugnot, Via Wikipedia
‘Auto’ van Nicolas Joseph Cugnot uit 1771, Via Wikipedia

In het kader van: even een luchtje scheppen, loop ik om het gebouw heen richting het Musée Arts & Métiers, daar bij die kleine versie van het Amerikaanse vrijheidsbeeld, het voorontwerp van Eiffel. Hier blijkt de organisatie ook een ruimte te gebruiken. Na het bijwonen van een sessie in een zaal helemaal weggestopt achter in het museum, loop ik terug richting de uitgang. Daar krijg ik een soort van aha-erlebnis: het eerste object waar ik langskom na de sessie is een door stoom aangedreven ‘auto’ uit 1771 van Nicolas Joseph Cugnot. De auto lijkt een metafoor voor de conferentie: het is allemaal nog heel pril en iedereen is enthousiast en gelooft erin.

Aan het eind van de middag ben ik helemaal gesloopt. Iets te veel koffie gehad en naar iets te veel zaken geluisterd die misschien niet helemaal aan mij besteed zijn. Misschien wilde ik te veel. Een wat verloren gevoel maakt zich meester en ga alleen terug naar het appartement waar ik verblijf. Eerst via de Franprix, een kleine supermarkt voor de alleenstaande Parijzenaar. Wat voorgewassen sla, een tomaat, een aardappel en een stukje entrecote. En een flesje rood. Thuisgekomen maak ik mijn potje klaar, drink een glas. Schoenen uit en boekje lezen? Nee, hop! Je bent hier verdorie voor een community conference, niet voor een retraite voor het schrijven van je eerste boek!

Sociaal irl

Het is een kwartiertje lopen is naar een bar die omgedoopt is tot ‘community bar’. Het is er druk en de meeste aanwezigen hebben wel iets aan waaruit op te maken dat ze iets met Ethereum doen. T-shirts en petjes met het Ethereum-logo of andere verwante zaken. Al snel blijkt er meer te zijn dan alleen maar talks. Het gezelschap is gemêleerd: studenten, geïnteresseerden, zoekenden naar vervanging voor hun huidige baan, ‘serial entrepreneurs’ die later ook gewoon vrijwilliger blijken. Het goudgele verbroederingsvocht vloeit met mate, misschien niet in de laatste plaats omdat de bar betalingen met pin of creditcard pas accepteert boven de 20 euro. En dan moet je dus contant geld hebben. Een mooie tegenstelling met allemaal van die techies.

De daaropvolgende dagen bestaan voor mij uit iets minder talks volgen en meer koffie en thee drinken met andere mensen uit de community. Over schaalbaarheid, op dit moment klinkt alles prachtig, maar bij iets te veel transacties loopt het netwerk vast. Over governance, ofwel bestuur, regels en gedragscodes. Maar ook over crypto-spelletjes, goede doelen, het zorgen voor betere beloning van mensen in arme delen van de wereld, over ethische zaken, decentrale opslag van data, het checken van feiten en het vastleggen van wetenschappelijke publicaties. En beseffen dat wat ze doen echt geen magie is. Het is gewoon code schrijven. ‘Slimme’ contracten maken. Het lastige voor de buitenwereld is het decentrale. Iets wat je moet voelen en waar de meesten van boven de 30 niet mee zijn opgegroeid. Het is dus niet zozeer een technische kwestie maar een denkwijze. Een decentrale denkwijze.

Oracles

Een interessante observatie is dat veel van de ideeën en toepassingen uitgaan van een wereld waarin onwaarheden het af zullen leggen tegen de waarheid. Daar zit dan ook een belangrijke moeilijkheid: hoe koppel je de echte wereld aan de decentrale digitale? Dat gaat via zogenaamde oracles. Een oracle kan van alles zijn, maar de meest in het oog springende is de mens zelf. We gaan er hierbij vanuit dat de meesten eerlijk zullen zijn en zo de oneerlijke eruit zullen filteren. De community denkt in die zin vaak vrij binair. Als je daar vervolgens over in gesprek gaat, dan ontkent overigens niemand die mogelijkheid. Daarom is er ook een sterke roep om mensen die niet alleen code kunnen kloppen, maar de hele ontwikkeling in een breder perspectief kunnen plaatsen.

Jérôme sluit af, via Adrian Brink
Jérôme sluit af, via Adrian Brink

De laatste afsluitende voordracht is van Jérôme de Tychey, voorzitter van Asseth, ofwel de Franse stichting ter promotie van Ethereum. Cijfers van het evenement: 650 bezoekers, 130 sprekers, 80 studenten, 50 vrijwilligers en ‘piraten’ ofwel niet-betalende bezoekers. Hij sluit af met een interessant voorstel: Eth, de afkorting van de Ethereum-munt, blijkt een plaatsje in noord-Frankrijk. Het blijkt ook een kasteel te hebben: Chateau d’Eth. Jérômes voorstel is geld in te zamelen om het kasteel te kopen en EthCC om te dopen van Ethereum Community Conference naar Ethereum Community Castle. Voor alles dat nodig is, feesten, partijen, bijeenkomsten, wijn en IoT-vogelnestjes. Helaas bleek het kasteel niet te koop. Maar er is genoeg geld voor in de community, dat is een ding wat zeker is.

Om de drie dagen in stijl te eindigen, is er een feest in een fotostudio elders in Parijs met open bar. Een wonderlijke combinatie: jong, energiek, niet het type nerd van zeg 20 jaar geleden. Slechts een enkeling is nog ‘klassiek’ te dik, bleek en onverzorgd met van die tanden half opgelost door de cola. Een deel is vermoedelijk zeer vermogend. Dat geeft vreemde combinaties en vooral ook een rare verhouding. Dat is niet hoe de wereld de afgelopen 60 jaar was ingedeeld. Tenzij je uit een rijke familie kwam, had je als jongere over het algemeen geen geld. Die verhoudingen liggen hier ineens heel anders. Maar niet alleen het geld, ook de kennis ligt hier bij extreem jonge mensen. Mensen die zich als een vis in het water voelen in een gedecentraliseerde wereld. Die mensen vieren hier nu een feestje, worden studentikoos dronken en gaan morgen vrolijk verder met onafhankelijk van oude mensen hun eigen wereldbeeld scheppen. Een wereld waarin een veertigjarige praktisch bejaard is. Ondanks mijn plezier, het vele wat ik heb geleerd en de bijna onbevangen community die open lijkt te staan voor iedereen, weet ik niet zo goed hoe ik moet omgaan met mensen die in code macht zien en daar alles mee willen instellen. Uiteindelijk zijn we nog allemaal van vlees en bloed. Kunnen we in goede en slechte zin worden beïnvloed en ligt corruptie en criminaliteit zo dicht bij de successen die ze vieren. Maar ook je wereldbeeld, dat verandert bij ouder worden. Je krijgt andere inzichten, andere gevoelens. Dat lijkt bij het grootste deel van deze groep allemaal nog niet aan de orde.

In de Thalys terug naar Amsterdam de volgende dag kan ik niet anders constateren dan dat ik met gemengde gevoelens terugkijk op een enerverend en interessant evenement dat ik niet had willen missen.

Het belang van de publieke blockchain #blockchain 101

Vaak krijg ik de vraag waarom blockchains, en bitcoin in het bijzonder, zo interessant zijn. De meesten zien alleen gouden bergen of het tegenovergestelde daarvan. Natuurlijk is de financiële component niet onbelangrijk. Het is zelfs de reden waarom miners of de computes die het netwerk in stand houden überhaupt rekenkracht willen geven aan het netwerk: ze krijgen cryptogeld  voor hun moeite.

Waarom was bitcoin zo’n interessante uitvinding? Het zorgde voor een manier van waarde overmaken aan iemand anders zonder dat daar een vertrouwde derde partij tussen hoeft te zitten zoals een bank. Volledig, rechtstreeks van persoon tot persoon. Hoe werkt dat in praktijk? Als ik iemand 20 euro geef en die persoon pakt het briefje, weet die persoon 100 procent zeker dat ik die 20 euro niet meer heb. Diezelfde zekerheid wil je online ook hebben. Daar is tientallen jaren onderzoek naar gedaan en de onbekende bedenker van Bitcoin, Satoshi Nakamoto, combineerde een aantal al bekende technieken met wat we tegenwoordig de ‘blockchain’ noemen. Daarmee loste deze persoon/groep personen een heel ingewikkeld probleem op.

Er zat nog iets anders bij: namelijk dat het een openen, decentraal netwerk betreft om transacties te doen met een timestamp. Transacties in het netwerk kunnen niet naar het verleden toe veranderd worden, waardoor alles vaststaat. Je kunt dus achteraf geen transactie wijzigen, met andere woorden: je kunt geen fraude plegen.

Nu klinkt dat allemaal wel logisch, maar waarom is het dan belangrijk en waarom steken zo veel mensen er zo veel tijd in zoals al die mensen op die gave conferentie? Omdat het écht zin heeft. Ik geef hier een kort voorbeeld:

Stel, je heb bepaalde belangrijke grondstoffen en die wil je verkopen, zeg koffie. Ik verkoop mijn koffiebonen en ik koppel die verkoop aan een transactie in een blockchain. Ik koppel 100 kilogram koffiebonen voor bedrag X aan een transactie. De boel wordt gekocht door een handelaar die de boel naar Europa vervoert via een netwerk van handelaren. In Europa zit een koffie-maffia. Daar wil iemand dat er 50 kg koffie van gemaakt wordt en zo de boel belazeren. Nu kun je heel makkelijk ergens in zo’n keten van handelaren iemand vinden die van die 100 kg wel 50 wil maken en als ie dat niet wil, zet je een pistool tegen zijn hoofd. Maar ik heb de koffiebonen aan een transactie in een blockchain gekoppeld. Iedereen kan zien dat ik er 100 kg ingestopt heb. Tussenpersoon C kan nu 10 pistolen op zich gericht zien, hij kan nooit die 100 kg in het verleden wijzigen. Omdat dit technisch onmogelijk is, begrijpt iedereen dat je niemand onder druk kunt zetten om iets te doen wat niet kan. Ergo: weg pistolen.

Iedereen begrijpt dat dit een simplistisch voorbeeld is, maar je kunt je wel direct voorstellen waarom een gedecentraliseerde database die niemand in naar het verleden toe kan aanpassen geen gek idee is.

Ook gepubliceerd op Medium in iets andere vorm

Gedecentraliseerd en volledig transparant: een andere tak van sport

Gedecentraliseerd en volledig transparant: een andere tak van sport

Je bent decentraal, mensen voeren werk voor je uit, je ontvangt donaties en je bent volledig transparant. Wat ben je dan? Een decentrale, altruïstische gemeenschap of DAC (waarbij gemeenschap de c van community is). Dat moet even indalen zo’n idee. Het is zelfs misschien een beetje gek. Maar het is ook heel interessant. Hoe kun je zoiets opbouwen? En bouw je eigenlijk wel wat op?

Om te begrijpen hoe zo DAC eruit kan zien, sprak ik met Satya van Heummen over Giveth in het Rotterdamse café Engels vlak om de hoek van Rotterdam Centraal.

Slimme contracten

De puristen onder ons vinden dat het woord ‘smart contract’ of slim contract de lading niet echt dekt, maar bij gebrek aan beter, houden we het hierop. Zo’n slim contract is in feite niet veel anders dan een computerprogramma waarin bepaalde regels gevolgd worden, zoals als/dan, en/of/etc. Aan al die informatie kan weer informatie van buiten toegevoegd worden via oracles ofwel systemen die een verbinding verzorgen tussen de wereld buiten de blockchain en die daarbinnen. Een oracle kan bijvoorbeeld een controleur zijn van een huis dat verhuurd wordt via een smart contract. De controleur geeft dan aan dat er geen kopjes stuk waren, maar wel drie borden, dus dat die kosten van de borg afgehaald moeten worden.

Nu voel je waarschijnlijk al een klein beetje aan wat een smart contract is: het is een soort computerprogramma dat bepaalde taken uitvoert of kan laten uitvoeren. Ook krijgt het programma input van buiten via oracles.

Een smart contract op een publieke blockchain als die van Ethereum kan door iedereen worden ingezien en iedereen kan in principe informatie toevoegen en het gebruiken. Alleen zou het een mooie boel worden als iedereen het programma kan gebruiken en eeuwig kan laten draaien. Dan loopt het netwerk vast. Daarom moet voor het uitvoeren van de applicatie een klein beetje geld betaald worden. Op het Ethereum-netwerk heet dat ‘gas’ en gas betaal je met ether, de munteenheid van Ethereum.

Giveth

Ik omschrijf Giveth in eerste instantie als een bedrijf. ‘Donaties aan bedrijven’ noem ik het zelfs. Satya verbetert me snel: “we zijn ook geen bedrijf, we zijn een open source-project, wij krijgen donaties uit de crypto-wereld om twee redenen. Ten eerste omdat we dit project doen en ten tweede omdat we open source-technologie maken, smart contracts.”

Dit betekent dus dat Giveth en andere ‘bedrijven’ waar Satya aan meewerkt, hun code met iedereen delen. Niemand hoeft voor hun noeste arbeid te betalen en toch is hun werk heel belangrijk. Daar geven anderen vanuit de crypto-wereld graag wat geld voor, in dit geval in de vorm van ether.

Een belangrijk smart contact van onder andere ontwikkelaars van Giveth is bijvoorbeeld het Minime-token, een kloonbaar smart contract wat meer dan een miljard dollar aan ico-geld heeft opgehaald in de afgelopen tijd. Voor de goede orde: dat geld is dus niet opgehaald door de mensen van Giveth, maar door mensen die een kloon maakten van dat specifieke smart contract en dat voor hun eigen doeleinden inzetten. Een bekende Minime-token is bijvoorbeeld Aragon ook bekend als ANT.

Het zal duidelijk zijn dat veel mensen erg blij zijn met de ontwikkelde code. Daar krijgt Giveth onder andere donaties voor, maar ze helpen ook mee met de White Hackers-groep om ernstige hacks in de ethereum wereld tegen te gaan en daarbij geld te redden, regelmatig met succes.

Deze manier van werken druist in tegen alles wat we in de westerse wereld geleerd hebben de afgelopen 70 tot 120 jaar, dat het ook niet vreemd is dat mensen moeite hebben om het aan te voelen of te begrijpen.

Blockchain-charitybijeenkomst

Giveth was onlangs bij een grote charity-bijeenkomst van Amnesty in Londen waar iedereen uit de goededoelenwereld rondliep. Grootste probleem: blockchains gebruiken voor transparantie kan heel handig zijn voor dergelijke organisaties, maar die kunnen dat allemaal niet zelf ontwikkelen, terwijl iedereen het voordeel ziet. Het ermee starten is lastig. Giveth laat zien hoe dat kan en biedt een platform om te gaan experimenteren. Meer delen binnen de charity-wereld zou volgens Satya goed zijn. Het is bijvoorbeeld binnen de Ethereum-community heel normaal om alle code te delen. Problemen worden collectief aangepakt en iedereen kan meehelpen aan de verbetering van de code.

De open source-gedachte bevindt zich voor een groot deel nog louter bij coders, maar Giveth gebruikt het veel breder. Ook videofilmpjes, vertalingen en teksten worden via hun systeem vergoed. Uiteindelijk is het de bedoeling dat iedereen charities kan draaien via hun smart contract, maar zover is het nog niet.

Dat laatste heeft helaas te maken met de capaciteit van het Ethereum-netwerk en de bijbehorende kosten. Op een bepaald moment kostte het uitvoeren van de  smart contracts die Giveth gebruikt voor het transparant maken van iedere donatie, enkele honderden euro’s per keer door de hoge fees.

Giveth-contract

Het smart contract van Giveth werkt momenteel door de hoge kosten nu – tijdelijk – via een testnet van Ethereum. Betalingen gaan wel via de normale blockchain, maar die moeten nu anders verwerkt worden. Geen ideale situatie, maar het is even niet anders geeft Satya aan.

Giveth ziet zichzelf als zijn eigen showcase: “We krijgen zelf donaties en die proberen we helemaal transparant te besteden. We zetten al onze taken op de blockchain en voor elke taak krijg je een van te voren bepaalde hoeveelheid ether, dat is gezamenlijk bepaald. Vervolgens is dan iemand anders reviewer. Die moet de taak checken door een transactie naar het contract te maken. Als het goedgekeurd is, kan ik mijn geld claimen en de hele wereld kan dat zien. Iedereen kan precies zien wat er wordt gedaan en dat staat voor eeuwig op de blockchain”, zegt Satya.

Toch vraag ik me af of het niet vervelend is als je hele hebben en houden op de blockchain open en bloot voor iedereen zichtbaar is. Satya: “Dat is wel een andere manier van denken ja, maar het is ook zo: wij krijgen donaties van mensen en wij hebben verantwoordelijkheid om met die donaties om te gaan. Eigenlijk is Giveth zijn eigen showcase, een extreem geval om te laten zien dat het kan, maar waarvan niemand verwacht dat elke charity zo ver gaat.”

Ondanks dat bestaande goede doelen (nog) niet zo ver zullen gaan, is het in Satya’s ogen een goede zaak. Wel geeft hij een voorbeeld dat hij zelf van een goededoelenorganisatie kreeg met betrekking tot donateurs die het belang van sommige zaken niet in zullen zien: “Als je donateurs vraagt welke vogels we moeten redden, dan is het antwoord: de mooie vogels”.

Met Giveth als extreem voorbeeld, zal het ergens in het midden uitkomen. Er zit veel geld in crypto en mensen willen dat aan goede doelen geven en voor charities is het kostenefficiënt om gelden te verdelen. Uiteindelijk zal transparantie geëist worden van gevers. Aan geïnteresseerden geen gebrek, maar daarvoor moet het systeem eerst uit bèta zijn.

Dan rest er nog één vraag: wat bouwen al die ontwikkelaars dan op? Wellicht hoop, hoop op een betere en transparantere toekomst.

Deel 1 in deze serie: Concertkaartjesfraude: blockchain to the rescue!

Concertkaartjesfraude: blockchain to the rescue!

Concertkaartjesfraude: blockchain to the rescue!

De markt voor kaartjes voor evenementen of ticketingmarkt is al jaren ziek. Mensen klagen over idiote bedragen die gevraagd worden voor kaartjes die doorverkocht worden door bedrijven en platformen als Seatwave en Viagogo, gewoon via Marktplaats of andere kanalen. Voor de gewone concertganger is het een ondoorgrondelijke wereld van bedrijfjes en bedrijven die elkaar allemaal douceurtjes kunnen toestoppen.

Het Nederlandse bedrijf GUTS Tickets wil die impasse doorbreken met een combinatie van een app en hetzogenaamde GET-protocol, dat draait op de blockchain van Ethereum. Na het systeem een jaar lang uitvoerig te hebben getest met onder andere de verkoop van kaartjes voor voorstellingen van cabaretier Jochem Myjer, is 2018 voor GUTS het jaar waarin de seinen op groen staan om in ieder geval de eerste 50.000 kaartjes via het échte systeem te gaan verkopen. En het is pas januari.

Toch zal bij sommigen de vraag naar boven komen: waarom heb je hier een blockchain voor nodig? Het tegengaan van fraude kan toch ook op andere manieren, zoals met een centraal orgaan wat frauduleuze transacties moet onderscheppen? Daar is Frans Twisk, mede-oprichter en frontend developer van GUTS, het niet mee eens. Althans, niet als je staat voor een open en transparant systeem.

“Voor veel zaken hoef je geen blockchain te gebruiken, maar als je open en transparant wil zijn, is een blockchain heel praktisch, zeker bij iets als tickets”, zegt Twisk in een gesprek samen met blockchain-ontwikkelaar Kasper Keunen in het nieuwe onderkomen van GUTS aan de Piet Heinkade in Amsterdam.

“Wij komen niet uit de ticketingmarkt en we zitten er nu een jaar in en ik ben nog steeds verbaasd over de corruptie. Bedrijven hebben halve monopolies en die kunnen daar gewoon misbruik van maken”, zegt Twisk.

Zijn mede-oprichter, advocaat Maarten Bloemers hoorde medio 2015 in een radioprogramma voor het eerst over secundaire ticketing en frauduleuze praktijken. Bloemers had al vanuit de advocatuur interesse in blockchains omdat die voor minder papierwerk kunnen zorgen. Uiteindelijk maakte hij samen met zakenpartner Tom Roetgering een proof of concept voor een ticketing-systeem dat een blockchain gebruikt op een hackathon in Oekraïne.

GUTS was geboren, inclusief de basis voor een open en transparant systeem. Zo’n systeem is in eerste instantie vooral interessant voor artiesten, legt ontwikkelaar Keunen uit. “Artiesten geven veel om hun fans, die willen dat hun fans niet te veel betalen. Uiteindelijk vullen artiesten een theater of concertzaal, niet het gebouw zelf”, zegt hij.

Maar niet alleen de artiest is belangrijk, de hele keten moet anders, alleen wel zonder dat de artiest, het theater of de klant daar veel van merkt. Volgens beiden gaat het om een zeer conservatieve markt en wil niemand veel verandering.

Keunen trekt het wat breder naar de hele markt die bezig is met het ontwikkelen van op blockchains gebaseerde applicaties. “Heel veel bedrijven die iets met blockchains ontwikkelen, zijn heel idealistisch. Alles moet anders, van A tot Z. Ik denk dat wij veel dichter bij de venues blijven die al 40 jaar op een bepaalde manier werken en die echt niet veel zaken anders willen doen.”

Ook eindgebruikers zitten vaak niet op verandering te wachten. Keunen geeft een voorbeeld van een gebruiker die een foto met zijn smartphone had gemaakt van zijn computerscherm waar letterlijk in de QR-code staat dat kopiëren geen zin heeft. “Volgens de klant was het geen kopietje, maar een foto”, vertelt Keunen. “De klant had ook een echte kopie bij zich, namelijk een kopie van zijn laptopscherm, dat geeft al aan hoe erg mensen vastzitten in hun oude concept van ‘ik kan het printen en dan is het goed'”.

De eindgebruikers hoeven ook niet te weten dat ze ergens onderliggend in het systeem met een blockchain werken, al is het wel mogelijk het Ethereum-adres te vinden en je eigen transactie en die van eventuele doorverkoop terug te vinden in de blockchain van Ethereum, via Etherscan bijvoorbeeld.

Alle transparantie ten spijt, je zou nog steeds een kaartje kunnen doorverkopen met cash geld of gewoon een bankoverschrijving en dan is het ‘dag met je handje’ naar alle transparantie. Daar is uiteraard ook over nagedacht.

Werking GUTS-app met GET-protocol (bron)

Om te voorkomen dat je een kaartje kunt kopiëren, krijgt elke klant een speciale QR-code in zijn GUTS Ticket-app. Die QR-code verandert de hele tijd, totdat het kaartje gescand is bij binnenkomst van het theater of de concertlocatie. Het is dus niet mogelijk een kopie te maken van de QR-code, want die geldt maar zeer korte tijd. De app zelf is op dit moment nog alleen een voor smartphones geoptimaliseerde web-app, maar er worden ook losse iOS- en Android-apps ontwikkeld.

Mensen die hun kaartje willen doorverkopen, blijven daarom ook binnen het systeem van GUTS. Het eigenaarschap van het kaartje wordt via de blockchain doorgegeven aan de nieuwe eigenaar na verkoop. Omdat de app aan de telefoon zelf verbonden is, en daarmee het kaartje ook, is fraude praktisch niet mogelijk. Tenzij je de telefoon erbij verkoopt. De gevallen waarin dat lucratief is, bestaan misschien, maar dat zijn echt uitzonderingen.

Zoals al eerder aangegeven, ontwikkelde GUTS niet alleen een app, maar ook een protocol, namelijk GET, een token op de blockchain van Ethereum. Hoe dat verder werkt, laten we hier even buiten beschouwing, maar het GET, of Guaranteed Enterance Token, is een zogenaamd ‘smart contract’ op de Ethereum-blockchain, door iedereen in te zien.

Om het smart ticketing protocol te gebruiken, koopt de organisator van een evenement een aantal GET. Die tokens worden voor het achterliggende protocol gebruikt. De organisator hoeft hiervoor niets te weten van blockchains of crypto-wisselbeurzen.

Dat laatste geldt uiteraard ook voor de gebruikers, die ziet nooit iets wat met blockchains te maken heeft. Toch krijgt elke gebruiker GUTS bij het gebruiken van de app feitelijk een Ethereum-adres waarmee hij via de blockchain zijn eigenaarschap van de tickets krijgt. Klinkt ingewikkeld, maar valt op zich erg mee. Het is alsof iemand een veredelde spreadsheet gebruikt om ieders kaartje bij te houden, inclusief de eventuele doorverkoop.

Uiteindelijk moet het GET-protocol opengesteld worden voor derden, zodat die ook apps kunnen bouwen die ermee samenwerken. Dat is het volgende doel van het bedrijf: het vervolmaken van GET en zo hopelijk de hele kaartjesbranche een beetje eerlijker te maken.

GUTS is niet het enige bedrijf dat zich bezighoudt met ticketing in/op een blockchain, maar vooralsnog wel de enige met een werkend product én klanten die bekend zijn. De andere twee bekende namen in de blockchainwereld zijn Aventus en Blocktix, maar beide zitten nog ruim in de alpha-fase; Aventus heeft een werkend testnet zonder bruikbare ‘voorkant’ voor gebruikers en Blocktix zegt evenementen te gaan hosten, maar die organiseren ze dan voor het gemak ook zelf. Beide bedrijven hebben met hun ico’s of initial coin offerings significante bedragen opgehaald, respectievelijk 23,5 en 40 miljoen dollar. Op zich geeft GUTS ook geld weten op te halen met een ico, maar met  zo’n 3,5 miljoen euro heeft het bedrijf een stuk minder ruimte om jaren ‘het perfecte’ product te ontwikkelen en moet men gewoon aan de slag.

Dit is deel 1 in een serie over blockchaintoepassingen van publieke blockchains. Deel 2 gaat over Giveth, een decentrale, altruïstische organisatie.

Update 23 maart 2018: waar nu Seatwave en Viagogo in de lead staat, stond Ticketmaster. Dit was onjuist omdat zelf Ticketmaster geen kaarten doorverkoopt en daarom aangepast.

Kodak en zijn blockchainmoment: wat is het eigenlijk?

Kodak en zijn blockchainmoment: wat is het eigenlijk?

Een beeldrechtenmanagementplatform. Dat is wat Kodak samen met een bedrijf dat vooral in foto’s van bekende mensen handelt, WENN, gaat opzetten. Of al heeft opgezet. Of bezig is het op te zetten.

En we plakken er blockchain op, dat zorgt in ieder geval voor media-aandacht.

En dat is precies wat iedereen herhaalt. Overal en zonder nadere analyse schiet het aandeel van een schamele drie dollar in drie uur tijd naar 7,10 dollar om de volgende handelsdag – woensdag 10 oktober – naar 13,28 dollar te schieten. Lekker ruim 300 procentjes omhoog.

Kodak Brownie: de camera waarmee Kodak fotografie goedkoop maakte begin 20ste eeuw (bron: Wikimedia)

Hun eigen persbericht voorziet al in de mogelijke hype bij het gebruik van een buzzwoord als ‘blockchain’ of ‘cryptocurrency’, maar ze zien een goede kans voor het gebruik van een blockchain(gerelateerde) technologie voor het verwerken van fotorechten.

En daar hebben ze gelijk in. Verschillende bedrijven proberen al enkele jaren verschillende, voornamelijk digitale, kunstvormen te koppelen aan blockchains, ook al ver voordat er sprake was van ‘geavanceerde’ blockchains als Ethereum. We hebben het dan bijvoorbeeld over ascribe.io, dat al in 2013 zijn visie rond het verwerken en vastleggen van digitaal eigenaarsschap aan kunst koppelde.

In mijn ogen is een van de belangrijkste voordelen van een blockchain gebruiken voor het vastleggen van digitaal eigenaarsschap, of dat nou een foto of een tekst is, het kunnen functioneren over het hele internet heen, zonder restricties van landsgrenzen of andere regels. Daar zijn al initiatieven genoeg voor genomen de afgelopen jaren. Kijk bijvoorbeeld naar po.et of ergens ook (sociaal)netwerk Steemit en videoplatform flixxo, al zitten die niet zo zeer in de richting van vastleggen van digitaal eigenaarschap als wel het verdienen aan de inhoud.

Uiteindelijk zijn dit allemaal eerste aanzetjes voor het ‘internet van geld’ en misschien in de verre toekomst wel ‘streaming money’ waarbij alles gekoppeld is.

Maar dat soort koppelingen vereist open data of in ieder geval een mogelijke koppeling met open data. En dat is waar de schoen bij Kodak wellicht wringt: volgens hun persbericht voldoen ze aan de eisen van de Amerikaanse beurswaakhond SEC. En ergens aan voldoen betekent vaak ook dat de ander ook ergens aan moet voldoen, ofwel security tokens die alleen aan geaccrediteerde investeerders in bepaalde landen verkocht mogen worden. Voor de volledigheid: de KODAKCoin-tokens die ze gaan uitgeven zijn volgens de zogenaamde Rule 506 (c) van Regulation D een security token.

Als deze tokens niet publiekelijk door iedereen verhandeld kunnen worden, dus zeg om een decentraal plaatjesdeel-en-betaal-de-fotograaf-platform op te zetten, dan kan ik niet verzinnen wat ze dan anders zijn dan fotohandelsplatform nr. zoveel met stiekem het woord ‘blockchain’, ‘token’, ‘ICO’ en ‘crypto’ ergens in een persbericht.

Aan de andere kant: wellicht hebben ze prachtige plannen en hebben ze een groter ideaal, maar er is nog niet eens bekend wat kopers van de tokens eigenlijk kunnen en mogen met de tokens, wat voor ‘smart contract’ er aan de tokens ten grondslag zal liggen, wat voor blockchain ze gaan gebruiken of dat ze er misschien zelf een opzetten en hoeveel tokens er in totaal ooit zullen zijn en wat dat allemaal moet gaan kosten.

Nog even kort wat het is: de Kodak-blockchain (als ze die gaan gebruiken) moet functioneren als een plek waar mensen hun werken op kunnen registeren, waarbij de KODAKCoin functioneert als manier om op het platform waarde uit te wisselen voor zaken als rechten, gebruik en dat soort zaken.

Bewijs van afstand: ik wilde helemaal niets schrijven over de KODAKCoin en de hele hype van vandaag, maar ik las nergens ook maar iets aan vragen rond het vrijwel nietszeggende persbericht met betrekking tot blockchains en mogelijk gebruik ervan. Vandaar toch een paar overdenkingen

Van idealistisch alternatief naar totalitair hulpmiddel

Van idealistisch alternatief naar totalitair hulpmiddel

Bitcoin bracht een revolutie teweeg in het verwerken van transacties: open en vrij. Nu lijkt het ook een goed hulpmiddel op weg naar een totalitaire superstaat.

Op een zomerse woensdagavond begin juli staat een lange rij wachtenden op de Amsterdamse Herengracht voor de dubbele trap van een grachtenpand in Lodewijk de Zestiende-stijl. Het pand, een dubbel woonhuis uit de 18de eeuw, herbergt tegenwoordig start-ups. Aan de achterzijde is nog iets van de oude luister terug te vinden in een overdadig met bladgoud versierde balzaal. Vandaag vindt in de zaal een bijeenkomst over blockchain-gerelateerde technieken plaats, ofwel afgeleiden van Bitcoin. Het onderwerp is zo hot dat de warmte binnen door de bezoekers wordt geduld.

Aan de andere kant van de stad, in een kantoor van een grote accountant, vond twee weken eerder een vergelijkbaar evenement plaats, maar dan vooral bezocht door mensen met stropdas en een – tegenwoordig – vaak ander type spreker. Hier wordt niet gezweet, althans niet door de warmte. Ervaren sprekers staan op het podium en een enkele grote naam uit de blockchainwereld mag het spreekgestoelte bestijgen. Verder veel grote bedrijven die allen druk zijn met blockchain-onderzoeksgroepen en daar weer afgeleiden van.

De afgelopen tijd is veel geschreven en gepubliceerd over bitcoin en latere afgeleiden, zoals Ethereum. Vaak zijn die artikelen gericht op mensen met voorkennis of toch ten minste bovenmatige interesse in technologische ontwikkelingen. In de mainstream media gaat het vooral om geld: “Bitcoin nu 2500 euro waard!” “Waarde bitcoin daalt sterk!”, dat soort verhalen, alleen is er veel meer gaande. Sommigen voorspellen een impact vergelijkbaar met die van het internet. Daarom gaan die ontwikkelingen ons allemaal aan, want we krijgen er allemaal vroeg of laat mee te maken. Uiteindelijk is het voor iedereen belangrijk om te weten of de wereld praktischer wordt van alle vindingen of dat ze leiden tot een totalitaire superstaat (en of dat te vermijden is).

De groep die zich bevindt in het historische pand is divers en de sprekers zijn soms goed voorbereid, al missen ze af en toe duidelijk een stuk ervaring. Toch weet die eerste meetup zich al vier jaar staande te houden, elke maand weer sinds 2013 toen de digitale munt Bitcoin pas vier jaar bestond. Als er al over werd gerapporteerd in de traditionele media, was dat over het algemeen negatief. De donkere kant van het internet had de munt inmiddels al een tijdje omarmd omdat het een zeer bijzondere eigenschap bezit, namelijk het veilig kunnen handelen met onbekende anderen zonder tussenkomst van derden.

Al snel bleek er veel meer mogelijk met bitcoin dan alleen maar waarde uitwisselen en van elke transactie een vrijwel niet te wijzigen database te maken. Simpele contracten kon je er ook mee opslaan. Eigenlijk alles wat een transactie vereist, daar was wel een blockchain voor te verzinnen. Dat laatste en de onuitwisbaarheid van transacties uit het verleden was precies waardoor banken, verzekeraars en beurzen interesse toonden voor de munt, al gebruikten ze het woord ‘bitcoin’ vrijwel nooit. Altijd ‘blockchain’, er hing toch een zweem van negativiteit rond dat ongrijpbare ding.

Dat is nu anders. Kranten en tijdschriften gespecialiseerd in economie maken geen probleem meer van het woord bitcoin. Het wordt zelfs vaak aangehaald als ‘interessante risicovolle investering’ en wat al niet meer. Al was Gartner er met zijn Hype Cycle laat bij om blockchain als interessante techniek op te nemen in zijn bekende grafiek, dit jaar zouden we op de top zitten, lees: iedereen denkt dat het wat wordt en daarna komt de teleurstelling. Om vervolgens langzaam weer op te klimmen en serieus te worden.

Veel start-ups uit de beginjaren zijn al lang verdwenen, omgedoopt of opgeslokt door iemand die het beter voor elkaar had; de techniek achter bitcoin is namelijk op z’n zachtst gezegd lastig uit te leggen. Dat komt niet doordat de techniek zélf zo vreselijk ingewikkeld is, het komt vooral door de andere manier van denken. Totaal tegen elk gevoel in vertrouwt een gebruiker van de digitale munt Bitcoin, of een van de vele afgeleiden, een systeem van voor hem volstrekt onbekende medegebruikers van het netwerk. En dat is nou precies waarom het gebruikte mechanisme zo interessant is.

Dat laatste voelde een kleine groep al aan in het begin. Er broeide iets. Er was iets aan de hand waardoor dit ongrijpbare ding interessant was. Voor mijzelf kwam dit besef ergens in 2012. Maar echt begrijpen deed ik het niet. Echt niet. Niemand kon het uitleggen en de eerste woorden in het artikel waarmee de mythische bedenker van Bitcoin zijn idee aan de wereld uit de doeken deed, leken op dat moment nog abracadabra. Als ik ze nu lees begrijp ik de woorden van Satoshi Nakamoto wel, de onbekende persoon of personen die dit idee eind 2008 naar buiten bracht.

Zijn het moeilijke woorden? Nee, niet echt. Alleen het behandelt iets dat voor de mens zo vanzelfsprekend is dat je er nooit woorden voor nodig hebt: hoe je vertrouwen tussen twee partijen krijgt zonder tussenkomst van derden. Dat lijkt zo simpel: ik geef 20 euro aan jou. Nu. Fysiek. Zekerder wordt de transactie niet. Maar dat is via internet niet zo makkelijk.

Daarnaast staan er voor de niet-cryptografen of de niet-speltheorie-geoefenden onder ons veel onbekende termen in en is het misschien zaak het twee keer te lezen. Of drie. En dan vooral zelf klooien. Snappen. Voelen. Waarom kriebelt dit? Waarom is het zo interessant? Waarom is het zo tof dat je elke transactie kunt volgen in de blockchain en dat die blijft bestaan? Wat je ook doet, als je het juiste nummer invoert, kun je zien wat er naartoe of vanaf gaat. Dat is vet gaaf. Maar nuttig? Dat idee moet indalen en niet alleen bij mij. Ineens ging het balletje rollen. En hard ook, met het gevaar dat oplossingen gezocht worden voor problemen die er niet zijn.

Dat soort problemen heb ik vaak gehoord in die zaaltjes op die eerste woensdag van de maand wanneer Bitcoin Wednesday zijn activiteiten ontplooit. De meest vreemde plannen heb ik daar langs zien komen. Ongrijpbare dingen van mensen met verschrikkelijk veel technische kennis maar geen enkele kunde in het overbrengen van hun verhaal. Nu, jaren later, staan sommigen van die mensen met heel veel meer ervaring en kennis op dat andere podium bij de Blockchain Innovation Conference, voor al die stropdassen die nu nog het normalemensengeld beheren.

Ineens zie je mogelijkheden ver buiten je normale kennisgebied. Alles is ineens koppelbaar geworden. Alles. Hoe? Door al die verschillende ketens van transacties met elkaar te laten praten. Bitcoin is een simpele blockchain: rechttoe-rechtaan. Nu zijn er ook veel ingewikkeldere blockchains, ketens waar daadwerkelijk computerprogramma’s op uit te voeren zijn. Dat ding heet trouwens Ethereum*, maar de kans is groot dat het nu duizelt. Toch is dit slechts het begin.

Je voelt het al aan: was het eerst heel eigenzinnig en libertair om mee te gaan met de zogenaamde ‘bitcoin-trein’, nu zou het wel eens een kant op kunnen gaan waar geen enkel boek over de staat met supercontrole uit de afgelopen eeuw tegenop kan. Geen geheime dienst, geen regering en geen belastingdienst kan hierop tegen zijn.

Ondanks de voordelen die al die gekoppelde onveranderbare digitale grootboeken in de vorm van blockchains kunnen hebben, vormen ze ook een enorm beangstigend toekomstbeeld. Een simpel, enkelvoudig voorbeeld kan zijn een elektronisch patiëntendossier dat veel voordeel kan hebben bij opslag in een blockchain, namelijk veilig en alleen in te zien als bijvoorbeeld de persoon in kwestie in de buurt is. Maar hoe wis je dan die vervelende soa die er toch ooit in terecht gekomen is? Daar wordt wel over nagedacht, maar de oplossingen zijn nog niet zo eenvoudig en dit is slechts één simpel ding. Wat als elke misstand je zo voor altijd blijft achtervolgen als het nooit echt gewist kan worden?

Nog een stap verder: we gaan naar een wereld waarin elk apparaat met elkaar praat via sensoren en je, gemakzuchtig als je bent als mens, nooit meer hoeft na te denken om een kaartje voor de trein te kopen – sensor a in je smartphone voelt aan dat je op het station bent door sensor b of gewoon via ouderwetse gps – , of om uit te checken – sensor a ‘weet’ dat het op een andere locatie is – of om de kosten voor het parkeren van je fiets te betalen, of om je belastingen op te geven – elke betaling die je ooit deed is namelijk ergens vastgelegd en via het systeem aan elke transactie gekoppeld, of om je identiteit te laten vaststellen in combinatie met je vastgelegde genoom – zo kun je nooit meer per ongeluk ergens zijn. Hoewel ik dus in eerste instantie erg enthousiast was, zijn dit zaken waarvan ik denk: misschien beter om dit niet zomaar te laten gebeuren en hier tijdig discussie over te voeren.

Aan de andere kant is er een wereld te winnen met specifiek gebruik van de techniek. Zo kun je op een eerlijker manier je huis verhuren tijdens de vakantie zonder dat er nog een groot conglomeraat als tussenpersoon vele procenten van je huur opslokt. Een initiatief, Fairbnb, probeert op zo’n manier een verhuur-blockchain op te stellen waardoor buurt, gemeente en huiseigenaar allemaal op positieve wijze kunnen samenwerken met huisverhuur.

Een ander initiatief, Alice uit Engeland, probeert geldstromen van en naar goede doelen inzichtelijk te maken. In dit geval gaat het nog heel specifiek om donaties aan 15 daklozen in Londen voor een pilot-project, maar dat er interesse is voor inzichtelijkheid van geldstromen bij goede doelen staat buiten kijf. Dit zijn er slechts twee. Tik een paar zoekwoorden in Google en je wordt overstelpt met mogelijkheden en ideeën.

Dit zijn slechts peanuts bij wat grote bedrijven, zoals banken, beurzen en een grote hoeveelheid geldschieters in Silicon Valley, investeren in blockchains en aanverwante zaken op plaatsen waar de gewone sterveling het niet kan zien. Zo dook Walmart samen met IBM al op het bijhouden van de kwaliteit van varkensvlees, de Rotterdamse haven wil containers bijhouden en wat al niet meer. Maar ook hele staten proberen zichzelf om te vormen en hun burgers beter vast te leggen via de techniek. Dubai probeert zich hiermee sterk te profileren en in Europa is Estland koploper in het vormen van een technologisch hoogstaande staat.

Voor de buitenwereld is en blijft het op dit moment nog iets waarover je hoort op feestjes: heb je bitcoins? En hoeveel dan? Heb je ether? Heb je Stratis? Steem? ZCash? Verzinmaareeneigenmunt? Zo gaat het aan de buitenkant nog steeds vooral om geld en dat is uiteindelijk ook nodig om ontwikkelaars te betalen.

Het zal nog een turbulente tijd zijn in de zogenaamde crypto-wereld. Of er spelers zullen komen van het formaat Facebook of Google met een dergelijk grip op deze manier van dataverwerking, dat is nog niet duidelijk. Er zijn vermoedens dat dit niet het geval is omdat het netwerk heel anders in elkaar zit.

Stop! Even adem.

Waarom moeten we deze ontwikkeling zo snel mogelijk uit de hoek van de supergeeks en economen trekken? Omdat de maatschappelijke impact enorm zal zijn. Als er alleen maar mensen mee bezig zijn die denken alles met techniek op te lossen zonder naar bijvoorbeeld cultuur te kijken, dan kan dat in de toekomst voor problemen zorgen. Zo is er een bedrijf dat zichzelf de naam “Übermensch” heeft meegegeven. Waar sta je dan in de wereld? Dachten ze echt alleen aan Nietzsche? Of legden ze alleen een link met dat taxibedrijf?

** Opmerking **

Dit artikel schreef ik op 11 juli 2017, zwierf even rond op een redactie maar werd te nerderig bevonden. Uiteindelijk blijft het mijns inziens relevant, alleen je mag een andere bitcoin-prijs invullen. Inmiddels is het aantal munten dat zich richt op privacy overigens sterk aan het groeien. Bij dat soort munten ben je niet zo makkelijk of helemaal niet te volgen zoals in de Bitcoin-blockchain. Zoals gezegd: ontwikkeling gaan snel!

Dit artikel vermijdt bewust het grootste deel van de terminologie die rond blockchains hangt. Het is relevant voor de mensen die er nu echt mee bezig zijn, maar de meesten zullen nooit hoeven weten hoe het werkt. De meesten weten ook niet hoe een auto werkt of hoe een band te plakken. Je moet alleen wel weten wanneer je iets kritisch moet volgen. Bij een platte band is het duidelijk: die moet gerepareerd worden. Bij dit soort processen is dat heel wat lastiger

* inmiddels zijn er meer ‘slimme’ blockchains, zoals NEO en ICON.

Amerikaanse SEC gaat ICO’s in de gaten houden

Amerikaanse SEC gaat ICO’s in de gaten houden

Het was te verwachten: nadat er al zo’n 1,2 miljard dollar (!) in online fondsenwerving is gestoken via een volstrekt ongereguleerde markt, heeft de Amerikaanse Securities and Exchange Commission dinsdag besloten dat deze manier van fondsen aantrekken beter in de gaten gehouden moet worden.

Het gaat hier om zogenaamde initial coin offerings, een markt die sinds begin dit jaar geëxplodeerd is. Volgens de SEC, de AFM of FSMA van de Verenigde Staten, staat een ico over het algemeen gelijk aan een initial public offering, ofwel aandelenuitgifte.

De SEC komt tot de conclusie dat het grootste deel van de ico’s uiteindelijk precies hetzelfde is als een uitgifte van normale effecten. Daarom valt een ico ook onder het toezicht van de SEC en moet een platform dat zich op deze manier in de markt wil zetten, zich bij de SEC registreren.

Het onderzoek van de SEC wat hieraan ten grondslag ligt, richt zich voornamelijk op de problemen die ontstonden rond The DAO, de uitgifte van digitale tokens die deelnemers stemrecht gaven binnen een digitale autonome organisatie. Deze organisatie werd kort nadat het een equivalent van op dat moment zo’n 168 miljoen dollar aan Ether (een digitale munt vergelijkbaar met Bitcoin, maar dan met meer mogelijkheden) wist op te halen, gehackt. Of niet, maar dat is vooral een verschil van interpretatie.

De bevindingen uit het rapport van de SEC stellen dat de tokens die verkocht werden tijdens de crowdfundactie van The DAO gewoon effecten waren en ook als zodanig behandeld moeten worden. Dit betekent dat een dergelijke actie zich eerst had moeten registreren en alle benodigde informatie aan de SEC had moeten overhandigen. Op die manier kan de SEC garanderen dat investeerders de juiste informatie van te voren krijgen. Daarvoor had The DAO zich moeten registreren als

De The DAO wordt niet vervolgd omdat het gaat om een nieuwe, innovatieve technologie. De organisatie ziet het wel als waarschuwing aan de industrie en deelnemende markten. Het is binnen de crypto-industrie ook geen verrassing dat de SEC hiermee aan de slag gegaan is. Het is ook een van de redenen dat verschillende ICO’s aangeven dat investeerders niet uit de Verenigde Staten mogen komen.

De SEC stelt dat per geval gekeken moet worden of het inderdaad om een uitgave van tokens gaat die vergelijkbaar zijn met aandelen. The DAO was dat wel volgens de SEC omdat het investeerders een mogelijke winst op hun investering bood. Veel bedrijven die een ICO gebruiken om geld binnen te halen, zien hun ICO’s niet als effecten of aandelen omdat ze de houders ervan geen winst of verlies in het vooruitzicht stellen; ze zoeken slechts naar investeringsgeld. De angst om de SEC liet veel uitgevers van ICO’s al op voorhand besluiten officieel geen tokens in de VS te verkopen.

Dit oordeel van de SEC komt voor vrijwel niemand in de crypto-wereld als verrassing. Of hiermee de house aan ICO’s ook een halt toegeroepen is, is onduidelijk. De vraag naar valide juridisch erkende documenten binnen de crypto-wereld zal de komende tijd vermoedelijk sterk toenemen.

Wel zorgde de uitspraak voor een koersval, maar of dat rechtstreeks aan de uitspraak te wijten is, is niet duidelijk. Sterke stijging of daling van de koersen is de afgelopen maanden zeer gebruikelijk in de crypto-wereld.

Gratis geld! Nu! (En waarom je bank verdwijnt)

Gratis geld! Nu! (En waarom je bank verdwijnt)

Zo klonk het jaren geleden in mijn oren: je kon gewoon met je computer gratis geld ‘maken’. Bitcoins heetten die dingen. Hoe het precies werkte, interesseerde me eerst niet zo veel. Toch begon het al snel te kriebelen: dit is meer dan alleen maar goudzoeken.

Het is ergens eind 2011, een rustige tijd van het jaar. Donker, maar er is een lichtpuntje: je kunt zomaar gratis geld maken op je eigen computer! Wel wat vaag, maar toch. Ik downloadde een programmaatje en… Niets. 0.00000000 BTC bleef er staan. Stom. Programma weer verwijderd.

Een jaar later, weer december, weer tijd over. Aha! Dat programmaatje was niet waarmee je geld kon maken, daarvoor had je een ander programma nodig. En jawel, ik zette mijn eerste schreden op het pad van de miners. Ofwel de goudzoekers van onze tijd. Snel ging het niet en een Bitcoin, want daar hebben we het natuurlijk over, was te weinig waard om mijn computer daarvoor drie keer zoveel energie te laten verstoken. Ik wist toen in weken computertijd iets van 2,5 euro, een 0.00nogwat BTC, bij elkaar te sprokkelen.

Nu zijn er misschien een aantal woorden voorbij gekomen die je niet kent: miner, Bitcoin en BTC. Dat is niet erg, want het zijn ook vrij nieuwe woorden. Voor ik ze verder uitdiep, even terug naar mijn gepruts in 2012. Want dat was het. Ik had drie woorden opgevangen: ‘zelf geld maken’, en dat bleek voldoende om me aan te zetten allemaal regels code te kopiëren van internet om zo mijn videokaart (dat ding wat normaal beelden op je beeldscherm tovert) te laten rekenen, aan transacties die gedaan zijn op blokken van de blockchain van Bitcoin.

Mythische bedenker

Maar wat ik deed, dat was me eigenlijk volstrekt onduidelijk. En dat terwijl het toch echt uitgelegd staat in het artikel dat Satoshi Nakamoto, het pseudoniem van de nog steeds onbekende bedenker van Bitcoin, schreef in 2008. De titel van het artikel is: “Bitcoin: A Peer-to-Peer Electronic Cash System“. De eerste zin van dat artikel luidt: ‘Een pure, peer-to-peer-versie van elektronisch contant geld dat online betalingen mogelijk maakt die direct van de ene naar de andere partij gestuurd worden zonder eerst via een financieel instituut te gaan.’

Deze eerste zin is voor de gemiddelde leek, wat praktisch iedereen toen was, lastig om te doorgronden, ondanks dat de woorden op zich niet onbegrijpelijk zijn. Waarom zou je geen financieel instituut meer willen? Behalve dan een enkele libertariër die het liefst alle instituten de nek omdraait. En wat heeft peer-to-peer-technologie ermee te maken, iets wat de meesten alleen kennen van het downloaden van films. Daarna gaat het verder met termen als: ‘digitale handtekeningen’, ‘voorkomen van dubbel-uitgeven’, ‘timestamps’, ‘transacties die gehasht* moeten worden’,  ‘proof-of-work’, ‘langste keten’, ‘cpu-kracht’, ‘aanvallers voor zijn’, ‘nodes*‘, ‘berichten die worden uitgezonden’. Veel terminologie is op zich voor mensen die iets meer met computers doen niet onbekend, maar de combinatie daarvan, daarin zit hem de genialiteit van het Bitcoin-netwerk. Het lost namelijk het ontbreken van een vertrouwde derde partij op en het probleem dat digitale zaken makkelijk gekopieerd kunnen worden, iets wat zeker met elektronisch geld geen overbodige luxe is.

Wat is Bitcoin?

Dan weet je nu wat het is, die Bitcoin en de achterliggende techniek die niet veel later tot blockchain omgedoopt werd: digitaal vertrouwen, dat is het. We stellen ons als mens niet snel de vraag hoe iemand te vertrouwen, als mens weten we hoe dat werkt: je staat naast een ander mens. Die andere persoon geeft je 20 euro. Dan weet je 100 procent zeker dat je die 20 euro hebt gekregen. Dit is heel lastig uit te voeren op internet, maar het is oh zo nodig. Dus in plaats van te vragen hoe het werkt, had ik moeten vragen: welk probleem lost [de] blockchain, of toen nog Bitcoin, op?

‘Bitcoin is geen systeem van krediet, of schuld. Het is ook geen bedrijf of wat dan ook. Het is digitaal contant geld met een eigen waarde zonder dat daar een derde partij voor nodig is. Direct, zonder tussenkomst van anderen.’ Zo legt Andreas Antonopoulos, een van de voorvechters van Bitcoin van het eerste uur, het graag uit in zijn talks. Hij stelt het heel simpel: het wordt steeds moeilijker dingen met contant geld te betalen en tussen elke betaling zit een bedrijf of een keten aan bedrijven. Bij Bitcoin is dat niet het geval. Niemand kan een bitcointransactie tegenhouden. Ook niet als er een regering of bedrijf is die wil dat die transactie niet plaatsvindt om wat voor reden dan ook. Het gaat Antonopoulos in eerste instantie om vrijheid en dat we ons zeer bewust moeten zijn van de vrijheid die we inleveren door ons over te leveren aan zo veel derde partijen die met ons geld omgaan en onze privacy. Partijen die we allemaal vertrouwen, totdat het misgaat of een regime sterk van karakter verandert. En dat dit ook bij ons kan gebeuren, is helaas zeer goed duidelijk geworden met de verkiezing van Trump.

Zo dacht ik zelf dus nog niet na over blockchain in het begin, namelijk het oplossen van de vertrouwenskwestie. Toch was me al snel duidelijk dat het meer was dan geld alleen. Klein voorbeeld: wat ik heel gaaf vond en vind, is dat elke transactie op internet te volgen is. Je kunt elke transactie die ooit gedaan is inzien op de blockchain. Dat is waar ik begon. Dat wilde ik snappen, maar achteraf had dit geen betekenis zonder begrip van online vertrouwen tussen onbekende partijen.

 

De Wiebelende Cijfertjes: Forex Trading Kraken

Fast foward naar nu

Inmiddels zijn we een jaar of vijf verder en hebben honderden ouderwetse bedrijven zich gebogen over de gebruiksmogelijkheden van blockchains. Daarnaast zijn er duizenden nieuwe bedrijven, bedrijfjes en instellingen ontstaan die bezig zijn met blockchains en sommige van die ontwikkelingen zullen uiteindelijk heel belangrijk worden voor ons normale stervelingen. Alles wordt verbonden. Alles.

Laat dit rustig op je inwerken. Alles is toch al verbonden? Ja, heel veel is al verbonden en met het Internet of Things wordt dat steeds meer. Maar de ijskast laten betalen aan de supermarkt vergt nog heel wat stappen, al te beginnen in welk land je woont, welke stad, welke supermarkt je gebruikt, wat voor betalingen die accepteert, etc. etc. Via blockchaintechnologie, ja ik gooi hem er gewoon in, kan dat in de toekomst zonder gedoe. De hele transactie, dus ook de boodschappen zelf, kunnen eraan gekoppeld worden. En die weer aan andere benodigde transacties, zoals directe verrekening van btw en accijns. De grootgrutter hoeft de btw-boekhouding niet meer te doen, dat gaat rechtstreeks naar de schatkist. En niet alleen dat, stel de parkeertijd van de zelfrijdende bestelbus die de goederen bezorgt kan zo bijgehouden worden om vervolgens via een microtransactie naar de gemeente parkeergeld te betalen. Ah, de gemeente. En het rijk. En wat al niet meer. Alles is in die zin te automatiseren en dat klinkt sommigen misschien als muziek in de oren: niet meer zelf nadenken, alles door het systeem laten doen.

Maar het idee van ‘geen banken meer nodig om iemand via internet te betalen, alsof je cash gebruikt’, wordt zo wel heel snel overboord gegooid. De mens is dan überhaupt niet meer nodig voor transacties. Zo kun je zelfs volledig autonome bedrijven oprichten waar naderhand geen mens meer aan te pas komt. Dat zorgde tot nu toe overigens voor een paar grote zeperds, maar het kán.

Ponzi’s en louche zaakjes

Als ik dit zo opschrijf, begrijp ik heel goed waarom ik niet begreep waarom het zo interessant was. Wel voelde ik een bepaalde kriebel, iets in je achterhoofd dat aangeeft: hier is iets mee. De meesten in mijn omgeving vonden dat ik naar een ouderwetse Ponzi aan het kijken was, ofwel klinkklare oplichting. Mensen associeerden Bitcoin met duistere zaakjes en daarmee was de kous af. Pas veel later kwam ik in contact met mensen die er dieper inzaten en ook echt met bepaalde toepassingen bezig waren die heel veel verder gingen dan hopen of je Bitcoin of vergelijkbare cryptomunt meer geld waard werd.

En toch wist nooit iemand uit te leggen waarom dat idee van die blockchain zo ontzettend ingenieus en interessant is. Dat lag ook zeker aan het feit dat ik nooit de goede vraag stelde, maar alleen de eerder genoemde  ‘hoe werkt het’-vraag. Dat laatste was misschien ook niet zo gek. In die begintijd sprak ik nooit met mensen die de waaromvraag nog moesten stellen. Ik vermoed zelfs dat velen daar eigenlijk niet zo mee bezig waren. Het was dan ook een turbulente tijd met bijzonder interessante types, soms zelf met ruzies die tot ouderwets handgemeen leidden.

Nu we de waaromvraag beantwoord hebben, komt de volgende stap: het begrijpen hoe diep dit op onze levens kan ingrijpen. Begrijp me niet verkeerd: ik denk dat er heel veel praktische kanten zitten aan het gebruik van deze technologie en afgeleiden daarvan. Wel maak ik me zorgen om de gretigheid waarmee bepaalde regeringen de technologie omarmen. Estland was er vroeg mee, maar nu wil Dubai als eerste een volledig op de blockchain gebaseerd systeem hebben om het land te besturen. Laten we uitgaan van nobele intenties, maar met even verder denken kan het aardig grimmig worden.

Toekomst

Voordat iedereen nu bang wordt voor blockchaintechnologie: laten we vooral in gesprek blijven over wat we zien als wellicht mooie ideeën en plannen en wat niet. Bitcoin werd bedacht om transparant te zijn en als we in die gedachte verder gaan, dan kan een idee met voldoende openheid veel praktische voordelen opleveren.

Zo is er een bedrijf in Nederland dat huizen koopt met meerdere eigenaren en vervolgens verhuurt en de huurpenningen verdeelt onder de verschillende huiseigenaren. Er zijn vergevorderde plannen om journalisten via een bepaalde blockchain veiliger hun werk te laten doen in landen waar het niet zo nauw genomen wordt met censuur en erger. Of het idee om donaties aan daklozen te doen via een blockchain zodat de donateurs weten dat het geld niet aan de strijkstok blijft hangen maar terechtkomt bij de mensen waar het voor bedoeld is. Of voor een eerlijkere verdeling van voedsel. Of een veiliger internet-of-things. Of een betere afhandeling van rechten van musici en andere rechthebbenden. Of worden er een soort van banken opgericht waarbij iedereen een rekeningnummer kan aanmaken. Iedereen, zonder dat je daar iets van legitimatie voor nodig hebt. Direct. En je kunt ook nog wisselen tussen allerlei munten en ‘normale’ valuta. Ja, het gaat best rap.

Maar eerlijk is eerlijk: lang niet alles moet in een blockchain gepropt worden. Nu is de tijd te experimenteren en fouten te maken. En die worden gemaakt. Veel, heel veel. Maar in mijn ogen: liever nu dan als we alles er zomaar klakkeloos mee op willen lossen.

* Hash: toegevoegd aan Dikke Van Dale in 2009
* Node: voorlopig toegevoegd aan Dikke Van Dale 2017

Het ontstaan van een nieuw soort ‘geldmachines’: de ICO

Het ontstaan van een nieuw soort ‘geldmachines’: de ICO

Met cryptovaluta’s ontstond veel nieuwe bedrijvigheid op internet. Via ingenieuze netwerken kunnen gebruikers geld maken door te ‘minen’ of door te handelen of er gewoon mee te sparen. Bitcoin was de eerste. Na vele andere cryptovaluta’s of alt coins kwam enkele jaren later een soort Bitcoin 2.0 voorbij, namelijk Ethereum. Die laatste is een platform met een blockchain, de achterliggende techniek van onder andere Bitcoin, waar meer op kan dan op de tot dan toe ontwikkelde blockchains.

De ‘spelletjes’ die op de Ethereum-blockchain gespeeld kunnen worden zijn ingewikkelder, tot complete, zij het simpele, computerprogramma’s. Sinds enkele maanden is er daarom een nieuw spel: het uitbrengen in eigen beheer van een eigen munt of token door nieuwe bedrijfjes waarmee ze investeringsgeld binnen willen halen. Dit kunnen ze doen door een eigen blockchain te bouwen, maar het kan ook heel makkelijk bovenop de Ethereum-blockchain. Dat laatste is sinds enige tijd heel populair en maakt sommigen in één klap wel erg vermogend (al was investeren in Ether en een jaartje wachten misschien nog wel slimmer). Dit systeem heet een initial coin offering of ICO, ergens vergelijkbaar met een IPO, ofwel initial public offering of beursintroductie in het Nederlands.

Een ICO is in eerste instantie niets anders dan een manier om geld op te halen met een cryptotoken die in de nabije toekomst uitgegeven zal worden. Aan het bedrijf of de groep die de nieuwe token of munt introduceert, wordt een hoeveelheid aan meer gebruikelijke crypto’s met relatief stabiele tegenwaarde in fiat geld gedoneerd. De gulle gever krijgt hier geen aandelen voor maar slechts tokens die een bepaalde waarde vertegenwoordigen. De gever krijgt die tokens door te investeren via Bitcoin, Ether of welke andere munt de ICO-aanbieder ook maar wil accepteren.

De eerste keer dat ik de term ICO hoorde, is vermoedelijk iets voor de ICO van het Wings-platform geweest, in november 2016. Wings is een platform om te voorspellen hoeveel een ICO vermoedelijk op zal brengen, ook wel prediction market. Hierdoor kunnen de ‘voorspellers’ weer geld verdienen doordat een deel van de opbrengst van de ICO wordt uitgekeerd aan, jawel de beste voorspellers. De gebruikers van het platform worden geacht informatie in te winnen over de projecten waar ze een hoeveelheid Wings-tokens aanhangen en de gedachte is dat de mediaan van het geheel een goede voorspeller is van wat de betreffende ICO op zal brengen.

Op dit moment betekent dat: alles wat maar mogelijk is. De meeste ICO’s hebben een verborgen of bekend maximum met betrekking tot de maximale hoeveelheid te investeren geld of cryptovaluta, zoals Bitcoin, Ether of dollar en op dit moment wordt dat bij goed onderbouwde munten vaak gehaald.

Wat is nou het lastige van deze materie? Waarom moeten investeerders hiervan op de hoogte zijn? Om de doodsimpele reden dat het potentieel interessant kan zijn, maar ook om de valkuilen in te zien. Dat laatste is misschien wel van een groter belang voor de mensen met briljante ideeën die op een dergelijke manier hun op een blockchain gebaseerde techniek aan de man willen brengen.

Het is lastig een hoofdreden aan te wijzen waarom er zo’n enorme interesse in ICO’s is op dit moment. Een eerste grote ICO, maar toen wist ik nog niet van dat woord, werd medio 2016 gehouden met het The DAO-platform. Kort gezegd moest dat een investeringsplatform worden waarbij investeerders zelf konden aanwijzen waar geld in de vorm van die specifieke munt naartoe moest. Helaas zat er een fout in het ‘smart contract’ of computerprogramma wat op de Ethereum-blockchain draaide, waardoor er heel veel geld gestolen kon worden van de investeerders. Voor een uitleg van wat daar gebeurde, verwijs ik naar een achtergrondartikel op Tweakers. Op dat moment was Ether iets van 12 euro per stuk waard om even bijna de 20 euro aan te tikken. Daarna kelderde dat weer een eind naar beneden om in januari van 2017 ergens de 7,50 euro aan te tikken.

Om de bekende onduidelijke redenen van de crypto-wereld (pun intended) steeg de tegenwaarde van Ether ten opzichte van de Euro zeer sterk in 2017. In mei werd ruim boven de 300 euro per munt afgetikt. Ook Bitcoin maakte in dezelfde tijd een enorme stijging door en vele andere alt-coins deden datzelfde. Prachtig natuurlijk: je investeerde in een ICO met je Ether, de nieuwe munt ‘Pietjes Prachtige Munt’ wordt voor een laag bedrag verkocht en enkele weken later is die ineens zes keer over de kop en verkopen maar.

Volledig ongereguleerd kunnen allerlei vroeg-rijke bitcoinmiljonairs (en ethermiljonairs, etc.) hun crypto’s ergens anders kwijt zonder hun nieuwe rijkdom aan wat voor belastingdienst dan ook op te hoeven geven door het in te wisselen in fiat pecunia (overigens verwacht de Nederlandse belastingdienst dat bezitters van cryptovaluta het equivalent van de munt op 1 januari opgeven als bezit). Of mensen die een gokje willen wagen kunnen met hun spaarcentjes aan de slag zonder dat ze eerst bij een investeringsbank langs hoeven met hun paspoort of wat dan ook. Heerlijk ongereguleerd, al verwacht iedereen ‘in het wereldje’ dat er op den duur ergens regulering vandaan zal komen. Op dit moment zorgt het vooral voor heel veel copy-cats en een enkele, wel nuttige innovatie.

Toch zit er een mooie kant aan deze nieuwe goudkoorts in dit onbekende ‘wilde westen’. Stel je hebt een briljant plan voor een bepaalde invulling van blockchain-technologie en daar heb je na een tijd ploeteren echt een goed uitgewerkt idee voor. Helemaal uitgedacht met een tijdspad en vermoedelijk een white paper waarmee je je legitimiteit wil aantonen.

Nu moet het echt gebeuren: je hebt programmeurs nodig, liefst ook nog wat mensen die iets anders kunnen dan in code denken, er is geld voor apparatuur nodig, etc. Wil je een paar jaar vooruit plannen zonder dat je daadwerkelijk omzet verwacht te draaien, dan is daar wel wat kapitaal voor nodig. Hoe doe je dat? Even naar een zogenaamde venture capitalist stappen in een investeringsronde is niet heel makkelijk. Zeker niet als je hele ecosysteem ook nog open source by design is. Zie maar geld los te peuteren. Dat is dus nu wél te doen bínnen het eigen ecosysteem van cryptovaluta’s.

En dan is er nog een voordeel: de mensen die geld investeren, krijgen geen andelen in je bedrijf. De investeerder krijgt slechts digitale tokens of crypto-geld. Interessant genoeg zijn die tokens vaak ook weer te gebruiken om diensten van de dienst te gebruiken (veel diensten binnen die zogenaamde gedecentraliseerde applicaties of dApps functioneren door de specifieke tokens). Als de tokens eenmaal in bezit zijn, kunnen ze ook weer verhandeld worden buiten het ecosysteem van die dApps, juist omdat ze weer geen aandeel representeren in zo’n bedrijf.

Laat dit allemaal rustig bezinken. Het is pas het allereerste begin, al zal het grootste deel van de basis nu al uitgedacht worden. Zelf hoop ik dat ook andersoortige projecten, zoals meer goededoelenprojecten of projecten die juist zoveel baat hebben bij de vrijheid die het huidige blockchainecosysteem biedt(afhankelijk van welke je gebruikt of zelf maakt natuurlijk), niet volledig zullen onder sneeuwen in deze ‘Gold Rush’.

Gedenkwaardige ICO’s (alle bedragen zijn equivalenten van dat moment in dollars, bijvoorbeeld: 1 bitcoin was toen 250 dollar waard; 300.000 bitcoin opgehaald x 250 = 75 miljoen dollar):

Ethereum (1 bitcoin was goed voor 2000 ether, juli 2014): > 15 miljoen dollar

The DAO (afhankelijk moment van kopen, mei 2016: 1 ether was goed voor 100 DAO: ~ 130 miljoen dollar)

Bancor (draait op Ethereum, 12 juni 2017, door vastlopen netwerk liep de ICO 3 uur in plaats van te stoppen na de maximale cap en werd 153 miljoen dollar opgehaald met 396.720 ether)

Zie voor een overzicht van de meeste ICO’s dit Screenshot van Smith & Crown op 13 juli 2017, een adviesbureau rond crypto’s.

disclaimer: dit is geen beleggingsadvies. Zelf heb ik geen grote belangen in welke cryptovaluta dan ook, al is het onmogelijk de systemen te doorgronden zonder er zelf mee te spelen. Ook ben ik op moment van schrijven niet gelieerd aan een bedrijf dat zich actief bezighoudt met blockchain-gebaseerde technologie.