Hét probleem met de stadsfiets(er)

Hét probleem met de stadsfiets(er)

De stadsfiets is de stad ontgroeid. Hij of zij is te groot. Vooral de voorgevel is kolossaal. De fiets past niet meer in een rek en ook niet meer op het pad. De stadsfiets is een monsterlijk gedrocht.

Vooral het vrouwelijk deel van de Amsterdamse bewoners binnen de ring maakt zich er schuldig aan. Een rugtas? Een fietstas? Nee, dat hoort niet bij het muntwater-cappuccino-lurkend-yoga-end deel der stadsnatie. Je slot om de zadelpen wikkelen is ook niet meer van deze tijd: in de bak ermee! En ook nog fijn fietsend telefoneren, wat het geheel met die onmogelijke hutkoffer voorop nog instabieler maakt.

Vergeet ook niet de duo’s op de vrij smalle vrijliggende fietspaden. Gezellig beppend naast elkaar (m/v) met zo’n leuk roze of zwart ding op dezelfde hoogte naast elkaar. Toch al enkele keren haast mis zien gaan met een hoop gegiechel. Tot de winter de straten weer lekker glad maakt…

Begrijp me overigens niet verkeerd: de fiets is de meest haalbare redding voor veel grote steden, maar laten we dan in ieder geval het goede voorbeeld geven en intelligente oplossingen verzinnen.

Waar ging het mis? Bij het afschaffen van bepaalde wet- en regelgeving rond de fiets begin jaren ’90? Toen de mountainbike eerst nog illegaal zonder wit achterspatbord op de openbare weg verscheen? Neen, wetten rond maximale breedte zijn er wel, maar niet zeer specifiek. Dat is maar goed ook, er zijn namelijk genoeg mensen die wél extra ruimte nodig hebben. Iets met kinderen of bepaalde beroepen.

Het gaat dus mis bij het hardnekkig überindividualisme: “Ik heb een fiets en ik moet álles mogen met mijn fiets, ongeacht hoe en wat en of ik anderen daarmee tot last ben. Ik ben Ik.”

En ze zijn tot last: eerst waren het enkele fietsen-met-bakjes-voorop, nu zijn daar allerhande varianten bijgekomen, waarvan de meesten steunen op een zeer brede voorbagagedrager die, in tegenstelling tot de ‘ouderwetse’ voorbagagedrager, onmogelijk in een normaal fietsenrek past. Als dan een paar van die fietsen het rek bevolken, past de rest er niet meer bij. Read more

Fietsterreur: het bakje-aan-de-voorkant

Ik hou van de fiets. Echt. Zeker in de stad. Snel, vrijwel geruisloos en altijd de mogelijkheid ergens tussendoor te glippen om dan weer met piepende banden tot stilstand te komen, een ‘uie‘ te maken, nog een snelle ruk om de laatste krappe hoek de andere kant op te zwenken, om vervolgens precies op de goede plek tot stilstand te komen.

Dit kan, met een fiets zónder bakje-aan-de-voorkant. Er kan nog heel veel meer met een fiets zonder bakje-aan-de-voorkant. Maar vooral is de fiets zonder bakje-aan-de-voorkant geen sta-in-de-weg bij parkeren of ongeleid projectiel in de drukke ochtendspits-op-de-fiets.

De fiets mét bakje-aan-de-voorkant is alles wat een fiets zonder niet is. Een fiets met bakje past niet in het rek. De fiets met bakje is minder wendbaar in gekke situaties. De fiets met bakje lijkt soms aan de voorkant wel zwaarder dan de bestuurder van het ding. De fiets met bakje is kortom een asociaal, gevaarlijk apparaat.

Tegenwoordig is het steeds meer mode om een kind met helm uit te voeren op de fiets. Misschien best slim, kinderen schijnen in tegenstelling tot volwassenen topzwaar te zijn, waardoor ze sneller bovenop hun hoofd terechtkomen. Maar, waarom zie ik er steeds meer fietsen met een achterlijk grote, roze bak voorop hun kinderfiets? Volgens mij kun je beter de bak weghalen en geen helm opzetten dan…

Nog zo’n fijn voorbeeld hier in ‘Zuid’. De Koninginneweg heeft een tramrails en die zit in de weg, dat komt mede door de enorme hoeveelheid geparkeerde, te brede Range Rovers (ze zijn er nog steeds, crisis of niet), maar ook door naast elkaar fietsende pubermeisjes (het zijn beduidend meer meisjes met een bakje-aan-de-voorkant dan jongens). Onlangs reed er weer eens zo’n stel blonde mutsjes voor me, beiden met formaat BAK voorop. Ineens moest mutsje rechts uitwijken voor iets onverwachts, maar dat kon niet, want het linker popje zat met haar bak in de weg van de andere bak. Gelukkig gingen ze niet op hun plaat, maar het scheelde niet veel.

De stad slibt dicht met geparkeerde fietsen. Op zich worden elk jaar meer kilometers per persoon in Amsterdam afgelegd op de fiets, maar ik kan me nauwelijks voorstellen dat die mensen die nu meer fietsen, vroeger geen fiets hadden. Het lijkt dus een ruimte-probleem, veroorzaakt door iets waar je paal en perk aan zou kunnen stellen. Dat laatste lijkt alleen niet te mogen in onze tijd van ‘vrijheid’ en ‘vrije keuze’. Toch zou ik er voor willen pleiten een maximum breedte in te voeren voor dingen voorop een fiets, uitgezonderd de échte bakfiets, want die dient soms nog wel een nuttig doel. En voor al die bakjes-voorop-de-fiets-voorstanders: neem een fietstas (of een rugtas).

Edit: ik kreeg de opmerking dat iemand verbaasd was dat ik hier niet al eerder op ingegaan was. Dat was ik zeker! Namelijk hier: ‘De fiets en het bakje

De fiets en het bakje

Het lijkt briljant: een bakje voorop de fiets waar je zo van alles in kunt gooien. Ideaal, toch? Dat zou het zijn als er niet meer fietsen gebruik zouden maken van de smalle fietspaden en de krappe fietsenstallingen.
Bloemetjes en bijtjes op de fiets
Opvallend genoeg worden de bakjes steeds groter en opvallender. De gemiddelde opgehipte Amsterdam Zuid-mevrouw (ze zien er uit als meisjes, maar ze zijn echt in de mevrouwen-leeftijd) heeft tegenwoordig een felgekleurde, liefst roze, fietsbak voorop hangen of ze heeft hem versierd met plastic bloemen. Dito bij meneer. Hij houdt het bij stemmig zwart of een andere saaie kleur. Ondanks dat blijft bij hem gelden: die van mij is groter dan die van jou, waardoor hij soms zelfs rondjes fietst met een bakkersbak voorop. Dat zijn echt wel de grootste. Ben blij dat ik dat niet voorop heb hangen.
Lekker grote bakkersbak
Nee, ik heb een lean-mean stadsfiets en die is ook heel hip. Ik ben namelijk ook een meneer en denk nog steeds dat ik 25 ben. Toch getuig ik hopelijk nog van enige rede. Mijn hippe fiets is vol te hangen met accessoires, zo ook een voor-bagagedrager, geheel in stijl van de fiets. Er wordt alleen standaard een bak bij geleverd. Bij aankoop van de drager ging het ongeveer zo:

“En hier is het bakje!”
“Eh, nee, ik hoef geen bakje.”
“Hoezo niet?”
“Dat bakje past niet, ik wil er af en toe een iets te zware weekendtas op vervoeren of iets anders wat niet op mijn rug past, maar nee, ik wil geen bakje. Ik ga natuurlijk wel iets slims verzinnen met spanbanden of zo.”
“Hmm. Ok, misschien heb je daar een punt.”

Het klinkt zo logisch, geen bakje voorop de fiets. Gewoon een smalle bagagedrager (lees: zelfde formaat als de ouderwetse bagagedrager). Daar is ooit in het verleden over nagedacht. Dat bleek een ideale maat. Men zette daar inderdaad wel vaak een mandje op, maar dat werd er dan ook weer afgehaald.

Daarom een oproep aan de bedenkers van nieuwe, hippe, over de top fietsen: kijk eens naar die gouwe ouwe bagagedrager. Misschien niet zo mooi, maar ontwerp dan iets in de stijl van je fiets. Laat in ieder geval niemand meer rondfietsen met die onmogelijke bakkies. Mijn halve fietsenstalling staat er letterlijk helemaal mee vol!

Ps., ik signaleer een nieuwe trend: het bakje van el cheapo hout. Dat is het helemaal tegenwoordig. Gelukkig rotten die waarschijnlijk binnen een jaar weg, dat is dan het enige voordeel.
Bos hout voor de deur