Blockchain-onbegrip zorgt voor verwarring columnisten

Blockchain-onbegrip zorgt voor verwarring columnisten

Verkeerde veronderstellingen en foute aannames

“Is de bitcoin-gekte het nieuwste generatieconflict?” kopt een columnist in de Volkskrant woensdagochtend 4 oktober. “Digitaal geld zet stelsel op z’n kop” schrijft een andere op dezelfde dag in het AD.

De columnist van de Volkskrant Peter de Waard heeft het over ‘een trein vol studenten’ waar jongeren elkaar gek maken met potentiële bitcoin-winsten. Hij vergelijkt het met de fascinatie met de optiebeurs van generatie X. Met andere woorden: hij wil het generatieconflict heel graag duiden. Misschien zou het goed zijn als hij zijn oor eens te luisteren legt bij plaatsen waar het daadwerkelijk over digitale valuta en andere blockchaintoepassingen gaat. Daar lopen verdomd weinig studenten rond. Een paar, natuurlijk. Ook een paar echt ‘oudere’ mensen, maar het grootste deel zal tussen de 30 en de 55 jaar zijn. En vooral man.

Screenshot World Coin Index woensdag 4 oktober, 17:36 CET

Interessanter is dat het dan niet gaat om witte mannen. Het is een veelkleurig en veeltalig geheel. Maar ja, liefhebbers van zogenaamde publieke blockchains houden dan ook niet zo van grenzen.

Anders denken

Volgens De Waard zouden ‘zelfs jongeren met een negen voor wiskunde weinig snappen van de werkwijze van de virtuele munt’. Hoezo? Dat hij het niet begrijpt zegt niet dat jongeren (of ouderen) het niet zouden begrijpen. Het is zeker een andere manier van denken en kijken, maar niet begrijpen…

Oké, het is waar dat er een stevig stukje cryptografie en speltheorie inzit. Er zijn mensen die dat écht begrijpen. Het is alleen niet nodig dat zelf te kunnen doorgronden. Zonder diepgaande kennis van die onderwerpen, is de werking van Bitcoin of veel andere blockchains met enige inspanning prima te overzien. Maar nogmaals: het is een andere, nieuwe manier van denken en daar zit de werkelijke moeilijkheidsgraad. Zonder ermee te ‘klooien’ zul je er inderdaad niets van begrijpen. Iets met gedeeld vertrouwen zonder vertrouwde derde partij. Klinkt niet moeilijk, maar dat aanvoelen is best lastig.

Bitcoin is geen geld

Ook Roland Duong laat met zijn op z’n kop gezette stelsel zien heel wat klokken te hebben horen luiden. Het begint al met het ‘casino van cryptomunten’. Dat laat ik voor wat het is. Interessanter is de uitspraak ‘maar bitcoin is geen geld’ en dat terwijl bitcoin is ontworpen als puur digitale vorm van cash. Hij zegt in de volgende zin dat er bij ‘gewoon geld’ iets ‘tegenover staat’ om vervolgens hypotheken aan te halen. Bij een hypotheek zou er namelijk iets uit de werkelijke wereld tegenover staan, namelijk een huis. Dan komt de goudvoorraad bij centrale banken langs die een deel van onze geldvoorraad zou dekken. En dat terwijl er bij bitcoin een enorm netwerk aan computers staat te werken om de waarde te onderschrijven én tegelijkertijd het netwerk veilig te houden. Lijkt me best wat waard. Of dat ook zo’n 3600 euro per stuk is (wo. 4 okt. 2017, inmiddels 17 oktober en zo’n 4800 euro per stuk), dat is een andere discussie. Maar dat het netwerk echt waarde heeft, staat voor mij buiten kijf.

Volgens Duong zou bitcoin alleen de waarde van de bitcoin vertegenwoordigen. En die nu ‘ongelooflijke waarde’ is ‘op moment van schrijven 4200 euro’. Ik ben bang dat hij een euro-dollarfoutje maakt. Maar goed, dat vergeven we hem.

Voordat we afdwalen in een spelletje hoeveel iets wel of niet waard mag zijn, even terug naar ‘normaal’ geld. Voor zover mij bekend is de goudstandaard al in de jaren ’70 van de vorige eeuw losgekoppeld om de Vietnamoorlog te financieren. Althans, de Amerikaanse Dollar. De euro zit ook niet aan goud vast, al hebben centrale banken wel een relatief klein bedrag in goud als reserve. Maar als we even bedenken hoeveel euro er sinds de crisis vanaf 2015 volledig digitaal is bijgedrukt.. iets van 60 miljard euro per maand of zo? Dan moeten we misschien maar eens praten over de vraag of er bij ‘gewoon geld’ iets tegenover staat.

Waar worden die cryptomuntjes gemaakt?

Beide columnisten hebben het ook over handel en spaargeld. De Waard stelt dat de handel in cryptovaluta niet is geconcentreerd in westerse handelscentra, maar in Zuidoost-Azië. Dat ligt misschien wat lastiger. Als we kijken naar handelsvolume is Dollar-Crypto het grootst, ruim 40 procent. Daarna volgt de Japanse Yen, dan de Koreaanse Won en dan pas de euro. Maar dat is een vertekend beeld. Alles is namelijk vertekend in vergelijking met normale of ‘ouderwetse’ mondiale verhoudingen in Cryptoland. De meeste bitcoin-miners staan in China. Waarom? Meerdere redenen. Goedkope energie, hardwareboeren om de hoek. Maar Europa heeft dan weer de meeste exchanges. Niet per se de grootste. De Verenigde Staten zijn lastig: elke staat heeft zijn eigen regels en … nee. Dit wordt te veel informatie.

De Waard stelt in ieder geval dat de bitcoin-gekte een nieuw generatieconflict is. Hij vraagt zich zelfs af of het niet verboden moet worden. Iedereen die enige kennis heeft van hoe bijvoorbeeld het bitcoinnetwerk in elkaar zit, weet dat zo’n verbod eigenlijk niet kan.

Een blockchain is nog geen bedrijf

Duong ziet ook gevaar als het om spaargeld gaat. En ja, hij heeft daar ook gelijk in natuurlijk. Hij vergelijkt het met de dotcom-bubbel van 2000. Daar ben ik het wel mee eens: heel veel van de munten die in de afgelopen korte tijd zijn ‘bedacht’, zullen binnenkort niet meer zijn. Maar het zijn ook niet per se munten. Het zijn vaak tokens die een functionaliteit ergens aan geven. Totaal anders denken vraagt dat. Hij haalt investeren aan in bedrijven, zoals de Apples, Googles en Amazons. Het lastige is natuurlijk dat die crypto’s geen bedrijven zijn in de oude zin van het woord. Het zijn protocollen. Op het moment dat zo’n protocol ‘live’ en publiek is, is het niet meer per se van het bedrijf. Zeker een munt als bitcoin is dat niet.

En nee, al je spaargeld in crypto’s stoppen lijkt me niet handig. Spreiden, dat is volgens mij het aloude adagium. Ook nu crypto’s er in de handelswereld bij zijn gekomen.

Al met al kan ik me voorstellen dat voor de ‘cryptoleek’ heel wat termen zijn langsgekomen die onbekend zijn. Aan de andere kant waren streaming en googlen 20 jaar geleden ook onbekende termen voor de meesten. Langzaam zullen de termen het publieke domein bereiken en beter begrepen worden. Maar bij blockchains en crypto’s geldt nu nog: er is heel wat educatie nodig.

ps: ik zou nog aan kunnen halen dat er een heel andere distributed ledger/blockchainwereld is waar we als buitenstaander niks van weten, namelijk die bij de banken en vergelijkbare instituten, maar dat laat ik voor een andere keer.
pps: eerder gepubliceerd op Steem, een sociaal netwerk dat draait via/met/op een blockchain

De vroege Middeleeuwen in een pan-Europese tentoonstelling

De vroege Middeleeuwen in een pan-Europese tentoonstelling

Mensen zijn nieuwsgierig en reizen veel en graag. Niet alleen nu, maar ook in de vroege Middeleeuwen. De tentoonstelling ‘Crossroads, reizen door de Middeleeuwen’ in het Allard Pierson museum toont dat aan met zo’n 350 objecten die laten zien dat ook toen veel gereisd werd. De objecten komen uit een tiental musea en instituten in Europa, verkregen door een intensieve samenwerking.

“De donkere Middeleeuwen tussen 300 en 1000 na Christus worden nog steeds met modder, geweld en slecht Latijn geassocieerd“, zegt Peter Heather, Brits historicus van de Late Oudheid en Vroege Middeleeuwen tijdens een toespraak voorafgaand aan de opening van de tentoonstelling. De periode is volgens Heather extreem slecht bestudeerd,terwijl het overgrote deel van de structuren die nog zo zichtbaar zijn in het huidige Europa, toen zijn gevormd. Heather pikt er een paar voorbeelden uit, zoals het ontstaan van de Slavische talen, de reden dat West Europa een ‘power house’ is, waarom Europa voor het overgrote deel Christelijk is en waarom er zo’n groot verschil zit tussen de ene kant van het Middellandse Zeegebied en de andere kant. Maar het algemene beeld over de vroege Middeleeuwen is blijven steken in een verdraaid beeld uit de Renaissance, het was heel praktisch de oude structuren als achtergesteld weer te geven, en een beeld uit de 19de eeuw dat gelijkstaat aan geweld, donkerte en fabels, denk het fantasy-genre wat we te danken hebben aan Dracula, Frankenstein en Tolkiens Ring-trilogie.

Rond de twee hoofdthema’s ‘diversiteit’ en ‘connectiviteit’ wil de tentoonstelling dat beeld bijstellen: Europa in het grote geheel binnen de context van verschillende culturen en veranderende verhoudingen. Heather verwoord dat mooi: “Al die mensen, die waren precies zoals wij. Dat springt er voor mij [Heather] uit. Je ziet dingen die ooit door andere, medemensen zijn gemaakt, dat blijft heel bijzonder.” Dat laatste is vooral bijzonder als je bedenkt dat er weinig overgebleven is uit die tijd omdat het meeste of vergaan is (hout) of, als het metalen betrof, omgesmolten tot nieuw wapentuig of nieuwe sieraden.

Holografische vitrines

Mooi opgezet en uitgevoerd zijn de 3D-animaties die als ‘overlay’ op fysieke objecten zijn geprojecteerd in een zestal zogenaamde ‘holoboxen’ of holografische vitrines. Door middel van beeld en gesproken tekst krijgt de bezoeker zo extra informatie over verschillende objecten, zoals de achtergrond bij het Zwaard van Kunágota van het Hongaars Nationaal Museum. Belangrijk doel van de holoboxen is dat de bezoeker de voorwerpen op drie verschillende manieren kan bekijken, namelijk op neutrale wijze met juiste belichting, focus op details door geprojecteerde beelden en de context van het voorwerp.

This slideshow requires JavaScript.

Aan het eind van de tentoonstelling bevindt zich de zogenaamde ‘Cross Culture Timeline’ bestaande uit een scherm met een drietal projecties en een enkele iPad waarmee de bezoeker de achtergronden van verschillende voorwerpen naar voren kan halen. Bij dit soort onderdelen denk ik altijd: doe het niet. Vrijwel iedereen heeft een smartphone en kan dit soort dingen vele malen beter individueel bekijken. Geef een link en een QR-code waarmee iedereen op zijn eigen telefoon aan de slag kan. Nu is er maar één iemand die aan de knoppen kan zitten van een haperende iPad (applicatie te zwaar?). Waarom kan ik hier niet achteraf thuis nog bij? De informatie is er, maar de interface is niet praktisch. Het was bijvoorbeeld fijn geweest als het topstuk in een holobox meer ruimte had gehad. Die ruimte was er mijns inziens dus geweest.

Reiziger als hoogtepunt

De tentoonstelling is niet alleen opgezet langs een tijdlijn door de verschillende culturen heen, maar verhaalt ook over bekendere en minder bekende reizigers uit de Middeleeuwen. Helaas zijn die verhalen bij de opening van de tentoonstelling niet goed zichtbaar doordat de informatie zich op de vloer bevindt, maar er wordt gewerkt aan een andere manier van presenteren.

De Europese reizigers zijn wel heel goed terug te vinden in de bijbehorende publicatie. Het boek ‘Crossroads, reizen door de Middeleeuwen’, bevat naast meer academische artikelen ook verhalen van tien reizigers die in de tentoonstelling zelf aan bod komen, zoals in de introductiefilm. De verhalen geven een beeld van een Europa waar culturen elkaar juist versterken en zorgen voor kruisbestuiving tussen gewoontes en godsdiensten. Zo was het Christendom ooit pacifistisch, wat in de figuur van Sint Maarten aan bod komt, namelijk in de vroege Middeleeuwen werd hij niet geroemd om het – als Romeins soldaat – delen van zijn mantel met een bedelaar, maar juist als pacifist die hij later werd.

Ook de andere verhalen spreken tot de verbeelding: De olifant Aboel Abbas, een geschenk aan Karel de Grote; Theophano, een byzantijnse prinses in het boerse westen; Hasday Ibn Shaprut, een joodse geleerde aan het hof van de kalief; Egeria, een scherpzinnig pelgrim in het heilige land; Ahmad Ibn Fadlans Risala, een Arabische diplomaat die een reisverslag schreef; Sint Helena en de kerstening van het Romeinse rijk, Sigerik de Ernstige, een aartsbisschop in roerige tijden; Olympiodorus van Thebe, een diplomaat met een papegaai; Ohthere, een reiziger uit noord-Noorwegen.

Met veel interessante en vaak prachtige objecten uit zo veel verschillende musea en andere instituten in Europa onder de CEMEC-vlag*, maakt de tentoonstelling de moeite waard om te bezoeken. Mocht dat niet lukken, dan is er gelukkig ook een prachtig boek. Ik hoop dat de Cross Culture Timeline ooit nog op internet te vinden is, want dat zou mijns inziens veel recht doen aan al het werk dat erin zit.

* CEMEC: Connecting Early Medieval European Collections

Meer foto’s  van opening door Monique Kooijmans op Flickr

Duurzame e-bike: contradictio in terminis?

Duurzame e-bike: contradictio in terminis?

Steeds vaker kom ik de term: ‘duurzaam’ in combinatie met ‘elektrische fiets’ of ‘e-bike’ tegen. Of nog mooier, de marketing-zin: ‘Groene Ecologische Fietstaxi’ waarin een elektromotor en accu verwerkt zitten. Inclusief zonnepaneel is het uiteraard nog groener. Maar toch.

Volgens mij zit het bij fietsen zo:

fiets: ecologisch, groen, duurzaam
e-bike: praktisch voor lange afstand, heel veel groener dan auto, motor of brommer. Ook de elektrische varianten daarvan door lager gewicht en minder materiaal

fietstaxi: ecologisch, groen, duurzaam*
elektrische fietstaxi: praktisch voor chauffeur, groener dan auto op brandstof en groener dan elektrische auto door laag gewicht en weinig materiaal*

Zie ook CO2-uitstootschema. Al is er natuurlijk een kanttekening te plaatsen bij zo’n schema. Het gaat ook om materiaalgebruik en daardoor veroorzaakt afval.

Technisch gezien zou de term omgedraaid moeten worden: fiets-zonder-elektromotor: duurzaam. E-bike bijna, maar net niet helemaal.

* Maar wel krap op het fietspad

** Terechte opmerking via Twitter: “OV-opties komen er wel bekaaid af in deze grafieken, omdat de CO2-uitstoot niet per persoon per km, maar alleen per km wordt weergegeven.” Maar het is dan ook een #kattebelletje en geen wetenschappelijk onderbouwd stuk onderzoeksjournalistiek. Slechts een signalering van bijzondere spins in het taalgebruik.

Wat je moet weten over de Bitcoin Cash-fork

Wat je moet weten over de Bitcoin Cash-fork

Zit je ‘in’ Bitcoin (BTC), dan heb je misschien stress over de komende hard fork geïnitieerd door Bitmain, een maker van zogenaamde ASICs (application specific integrated chip) en tevens bezitter van een grote mining-pool. De munt die na de hard fork ontstaat, heet Bitcoin Cash of BCC. Voorheen heette het initiatief overigens Bitcoin ABC, extra handig voor de verwarring.

Op moment van schrijven is de werkelijke ondersteuning voor de hard fork overigens klein. De enige miningpool die BCC nu ondersteunt, is de ViaBTC BCC-pool en die heeft een hashrate die niet boven de 0,26 procent van het totale netwerk uitkomt. Viel deze hele zaak niet samen met de eerder aangekondigde soft fork UASF (user activated soft fork), dan was deze fork waarschijnlijk over het hoofd gezien.

Waarom?

De reden dat Bitmain hiermee begon was dat het bedrijf het niet eens was met de koers die bepaald werd door het grootste deel van de ontwikkelaars, mining pools en exchanges met de zogenaamde New York Agreement. Deze verandering had betrekking op een verandering in de Bitcoin-code, namelijk de stap richting SegWit (Segregated Witness) en eind van het jaar de verdubbeling van de grootte van de blokken in de blockchain (van 1 naar 2 megabyte). Daarom besloot Bitmain naar een versie van Bitcoin zonder SegWit te gaan, maar met blokken die maximaal 8MB groot zijn.

Bitcoin Cash-waarde in Bitcoin om 14:01 uur op 31 juli 2017

Op het moment van schrijven is één BCC 0,1 BTC waard in de zogenaamde Futures-markt op ViaBTC. Dit betekent dat de waarde waarop door investeerders gegokt wordt, op dit moment 10 procent is van die van een bitcoin. Wat gaat er dan gebeuren met de waarde van een bitcoin als BCC op 1 augustus 14:20 Centraal Europese tijd gesplit wordt? Dat weet niemand.

Ook is de werkelijke ondersteuning voor BCC nu nog heel laag en ondanks dat Bitmain iets heeft verzonnen om de moeilijkheidsgraad van het vinden van een blok softwarematig aan te passen, kan dit pas nadat één blok op de nu ontstane blockchain van BCC gedolven is. Dat kan dus wel even duren.

‘Ik wil Bicoin én Bitcoin Cash!1!!’

Oké, je hebt bitcoins en wil ook BCC! Dat kan toch? Ja dat kan! De voorgaande uitleg was even nodig. Saai, misschien, maar dan heb je pech.

Ik ga er vanuit dat je bitcoins óf op een eigen wallet hebt staan óf op een online wallet/exchange. Als je bitcoins op een eigen (hardware)wallet hebt staan, dan zit je in principe goed. Maar het is (nog) wel een gecompliceerd verhaal om later BCC in een BCC-wallet te krijgen. Het zou kunnen dat bepaalde wallets een optie krijgen om met een simpel schuifje te switchen tussen de blockchains, maar vooralsnog is dat niet zo.

Als je je coins op een exchange hebt staan, dan moet je echt even checken hoe het met hun ideeën rond de hard fork staat. Een heel bekende en voor velen goed toegankelijke exchange als Coinbase doet niet mee aan een split en geeft hun klanten ook geen BCC. Ze leggen overigens wel netjes uit dat je je bitcoins het beste op een normale wallet kunt zetten als je wel eventueel wil profiteren in de toekomst.

Sommige andere exchanges doen wel mee, maar zijn nog wat vaag over de hoeveelheid BCC je zou krijgen ten opzichte van het aantal BTC dat je bij de betreffende exchange hebt staan. Grote bekende Kraken doet in ieder geval wel mee. Het Nederlandse BL3P (van Bitonic) ondersteunt BCC in eerste instantie niet, maar volgt de ontwikkelingen wel. Net als meerdere exchanges zal het een snapshot maken van alle gebruikers en die in de toekomst eventueel BCC toekennen, maar als je er direct gebruik van wil maken adviseren ook zij het eerst op een eigen wallet te zetten. Voor een volledige lijst, zie ook 99bitcoins.com.

Oké, ik gooi het in een wallet en dan?

Er zijn verschillende wallets, maar de bekendste zijn wellicht Bitcoin QT en Electrum. Bitcoin QT wordt vooral door mensen gebruikt die een full node willen zijn en je moet er dus de hele Bitcoin-blockchain voor downloaden. Niet handig als je snel een eigen wallet wil gebruiken.

Een zogenaamde light wallet bespaart een hoop tijd, zoals Electrum. De ontwikkelaars van Electrum hebben een uitgebreide uitleg neergezet op hun site over hoe BCC te claimen in de toekomst.

De enige manier om je BCC’s te claimen is namelijk door de privésleutel of je seed te importeren in een BCC-wallet. Maar zoals altijd: doe dit niet zomaar. Denk. Na. En lees.

Vanuit Electrum kun je je de seed of ‘zaad’ inzien via het Wallet of Portemonnee-menu. Via datzelfde menu kun je je privésleutels of private keys exporteren. Op die manier kan iedereen die de sleutels ziet je bitcoins stelen.

Dus eerst: verplaats je bitcoins na de fork (1 augustus 2017, 14:20 uur Nederlandse tijd, maar wacht daar sowieso nog een x aantal uur of dag mee zodat het eerste blok van de BCC-chain gedolven is) naar een BCC-portemonnee. Doe dit nadat je al je bitcoins vanuit je wallet hebt verplaatst naar een NIEUWE wallet. Helemaal nieuw aangemaakt, bij Electrum gewoon ‘nieuw/herstel’ om een nieuwe wallet aan te maken met een nieuwe naam.

Pas als al je bitcoins op je nieuwe wallet staan én je 100 procent zeker weet dat je bitcoins in je nieuwe wallet zitten, dan is het balletje naast je transactie groen (dat kan meerdere uren duren, zeker als het druk is!).

Als dit allemaal gebeurd is, kun je het liefst op een andere computer de seed of de private keys importeren in je BCC-wallet.

Scam Galore

Uiteraard proberen minder lieve mensen hier een slaatje uit te slaan. Er worden verschillende BTC-to-BCC-converters aangeboden. Dit zijn scams. Trap er niet in. Samenvattend: zet je bitcoins op een vertrouwde exchange die beide coins gaat ondersteunen (minder veilige optie, maar misschien wel makkelijker) of doe de Electrum-truc.

Maar bij alles: maak backups van je wallet.dat-bestand(en), schrijf je seeds op, bewaar alles offline en stop het in een kluis.

Dan nog een laatste advies: als je alles zelf in de hand wil houden en er niet zo veel ervaring mee hebt, probeer dan eerst met kleine hoeveelheden. Zet 0.001, of ongeveer 2,50 euro, in een nieuwe wallet en test hiermee je acties die je moet ondernemen met seeds en private keys. Ging dat allemaal goed? Veilig gevoel? Ga dan aan het grote werk. En hou in je achterhoofd: als het druk is, kan het soms echt lang duren voor een transactie doorgekomen is. En echt lang kan in de uren lopen, soms zelfs dagen, als je transactiefee te laag is (check bij Bitcoinfees hoe lang het duurt bij een bepaalde hoeveelheid Satoshi’s).

Nog één ding

[update 1 augustus, 8:56] Ik krijg vragen over de blockchain en hoe het kan dat je transacties in de BCC-blockchain blijven bestaan als je je bitcoins in de BTC-blockhain verplaatst (bijvoorbeeld door ze naar een andere Electrum-wallet te sturen na de split). Dat komt doordat alle eerdere transacties op de oude Bitcoin-blockchain plaatsvonden en al die transacties staan dus ook in de BCC-blockchain. Zonder in details te treden: Bitcoin Cash heeft een beveiliging ingebouwd zodat transacties die op de normale Bitcoin-blockchain plaatsvinden, niet ook in het begin op de BCC-chain worden opgenomen. Hierdoor blijven je private keys en de daaraan gekoppelde transacties uit het verleden bestaan.

MtGox, Bitcoins en witwassers: een modern detectiveverhaal

MtGox, Bitcoins en witwassers: een modern detectiveverhaal

Bijna iedereen die ‘in’ bitcoins zat begin 2014 bezat waarschijnlijk ooit munten bij de grootste Bitcoin-exchange tot dan toe: Mt. Gox. Iedereen die nog nooit van Bitcoin had gehoord, wist nu dat er heel veel geld gestolen was bij dat handelshuis, namelijk 850.000 bitcoins, toen zo’n 450 miljoen dollar waard. Een in Japan woonachtige Fransman en eigenaar van Mt. Gox werd verantwoordelijk gehouden. Hij werd opgepakt en een langdurig proces volgde.

“#MtGox #Bitcoin thief arrested in Greece yesterday. Props to all the people who have worked on this incl. @nikuhodai” tweete de eerder genoemde Fransman Mark Karpeles om 18:46 uur woensdagavond, 26 juli 2017.

Niet veel later om 19:52 uur een tweet van WizSec, een Bitcoin Security Specialist die sinds de Mt. Gox-hack bezig was met onderzoek naar de diefstal. “Breaking open the MtGox case (comments on today’s news):” met vervolgens een link naar een blogpost van de firma.

Het hele circus begon allemaal een dag eerder, dinsdag aan het eind van de dag: BTC-e.com, een oude en grote Russische exchange voor heel veel verschillende digitale munten waaronder Bitcoin, had een storing. Het zou gaan om niet-gepland onderhoud, meldde de site in een tweet.

In zijn lange bestaan sinds juli 2011 was BTC-e altijd een vrij grote speler, maar qua uiterlijk bleef het een site zonder innovatie en hij behield al die jaren zijn archaïsche looks. BTC-e had verder een populaire ‘troll-box‘ waar mensen ongegeneerd zin en onzin de wereld in konden slingeren. De eerste 4 jaar had de site veel problemen met DDoS-aanvallen, maar dat leek de afgelopen drie jaar sterk teruggedrongen. Maar goed, ondanks alles: storingen kunnen ontstaan en in eerste instantie wachtten de gebruikers van BTC-e dan ook ‘rustig’ af naar aanleiding van de tweet van het bedrijf.

De volgende ochtend werd het gevoel in Europa toch wat minder. Wat zou er gebeurd kunnen zijn? En omdat elke transactie die ooit op het Bitcoin-netwerk gedaan wordt zichtbaar is, kregen velen op Twitter extra stress: er zouden ruim 66 duizend bitcoins verplaatst zijn sinds het moment dat de exchange uit de lucht ging. Of het om munten uit de virtuele portemonnees van BTC-e ging, was – en is – nog niet bekend.*

Op hetzelfde moment meldde persbureau Reuters dat Alexander Vinnik opgepakt was in Griekenland. De 38-jarige Rus werd verdacht van het witwassen van 4 miljard dollar. De gearresteerde man bleek een van de oprichters van BTC-e.

Dat is wel heel veel toeval. Twitter explodeerde, nou ja, binnen een bepaalde groep. Reddit ging los en fora van bezitters van cryptovaluta deden ook een duit in het zakje. Normale nieuwssites berichtten voornamelijk over een gearresteerde Rus die 4 miljard had witgewassen sinds 2011 door gebruikt te maken van de digitale munt Bitcoin. En daarmee was voor de normalemensenwereld weer even duidelijk dat cryptogeld stout is en iedereen kan weer rustig gaan slapen.

Maar die tijd is voorbij en het is belangrijk hier kennis van te nemen. En dat kennisnemen kan zelfs een stuk interessanter worden doordat WizSec een heel blog wijdt aan het onderzoek; een reconstructie van een misdaad of reeks misdaden.

WizSec windt er geen doekjes om: “Vinnik is onze belangrijkste verdachte bij de Mt. Gox-diefstal (of het witwassen van de opbrengst daarvan). Dit is het resultaat van jaren werk van verschillende onderzoekers die allemaal dezelfde uitkomsten delen. Iedereen moest zijn mond houden om geen verdachten te alarmeren.”

Deze eerste blogpost van WizSec sinds de arrestatie van Vinnik is voornamelijk een samenvatting van wat er tot nu toe gebeurd is, te beginnen bij het eerste debacle bij Mt. Gox dat hiermee te maken heeft in 2011. De privésleutels van een zogenaamde hot wallet waren gestolen. Heel kort uitgelegd: een bitcoinportemonnee van een computer die op internet aangesloten was, was gejat. Dit stelen bestond uit het simpelweg kopiëren van het wallet.dat-bestand. Alsof je een Word-document kopieert en aan een vriend(in) geeft.

Met de kopie konden de dieven ongestoord alle bitcoins binnenkrijgen en gebruiken die naar de aan de wallet.dat gekoppelde bitcoinadressen gestuurd werden zonder dat Mt. Gox het doorhad. In de daaropvolgende jaren werd op die manier steeds een beetje geld in vorm van bitcoins weggesluisd. Deze munten werden naar bitcoinportemonnees beheerd door Vinnik gestuurd. Medio 2013 waren er zo’n 630.000 bitcoins gestolen van Mt. Gox.

1000 USD per bitcoin op 27 november 2013. Saillant detail: BTC-e staat op 912

Maar dat was niet alles. Doordat de sleutels van de wallet.dat gedeeld waren, werden adressen vaker gebruikt en dit zorgde voor fouten binnen de systemen van Mt. Gox waardoor sommige uitgaven door de dief als stortingen bij Mt. Gox gezien werden. Hierdoor vergrootte de min op de balans nog eens met 40.000 bitcoins bij de geplaagde exchange doordat de coins terechtkwamen bij gebruikers van Mt. Gox. Fijntjes schrijft WizSec dat niemand dit blijkbaar even gemeld had.

Nadat de munten in de wallets van Vinnik terechtkwamen, werden de meeste coins doorgesluisd naar BTC-e en vervolgens verkocht of witgewassen. Zo’n 300.000 bitcoins eindigden volgens WizSec bij BTC-e. Andere munten kwamen op andere exchanges terecht. Ook bij Mt. Gox zelf.

De wijze waarop een deel van het kapitaal naar BTC-e verplaatste, namelijk naar interne opslagadressen van BTC-e, wijst op een relatie tussen de exchange en Vinnik. Ook gestolen fondsen van andere diefstallen werden via BTC-e verhandeld.

Uiteindelijk kon Vinnik geïdentificeerd worden als dader bij het witwassen van bitcoins via BTC-e doordat hij een deel van de munten terug naar Mt. Gox had gestuurd. Die Mt. Gox-rekening kon gelinkt worden een online-identiteit ‘WME’ van Vinnik omdat hij op het populaire bitcoinforum ‘Bitcoin Talk’ gewag gemaakt had van munten die van hem gestolen waren.

Hiermee is Vinnek als witwasser geïdentificeerd, maar niet als hacker of dief. WizSec schrijft daarover: “mogelijk heeft hij [Vinnik] goedkope munten van dieven gekocht die aan hem werden aangeboden via een witwasdienst. Hij is hoe dan ook een cruciaal puzzelstukje omdat hij vermoedelijk wist met wie hij handelde en voor wie hij witwaste”.

Het is de hoop van de onderzoekers dat nu ook overige verdachten naar voren zullen komen. Verder beloven de onderzoekers binnenkort meer details vrij te geven over de zaak.

Op het blog staat een bestand met een zogenaamde flow chart van alle relaties tussen de verschillende bitcoinadressen, wat nogmaals duidelijk maakt dat alles wat in de blockchain van Bitcoin staat, gevolgd kan worden.

Update: inmiddels is er een verklaring van het US Department of Justice waarbij zowel Vinnik als BTC-e als crimineel worden weggezet. Wat dit betekent voor niet-witwassende gebruikers van BTC-e is vooralsnog niet duidelijk. De Financial Crimes Enforcement Network (FinCEN) heeft in niet mis te verstane woorden te kennen gegeven dat iedereen die in de VS handelt en niet de juiste papieren heeft, op vervolging kan rekenen: “We will hold accountable foreign-located money transmitters, including virtual currency exchangers, that do business in the United States when they willfully violate U.S. AML laws.”

* althans niet bij het normale publiek, we wachten af…

Amerikaanse SEC gaat ICO’s in de gaten houden

Amerikaanse SEC gaat ICO’s in de gaten houden

Het was te verwachten: nadat er al zo’n 1,2 miljard dollar (!) in online fondsenwerving is gestoken via een volstrekt ongereguleerde markt, heeft de Amerikaanse Securities and Exchange Commission dinsdag besloten dat deze manier van fondsen aantrekken beter in de gaten gehouden moet worden.

Het gaat hier om zogenaamde initial coin offerings, een markt die sinds begin dit jaar geëxplodeerd is. Volgens de SEC, de AFM of FSMA van de Verenigde Staten, staat een ico over het algemeen gelijk aan een initial public offering, ofwel aandelenuitgifte.

De SEC komt tot de conclusie dat het grootste deel van de ico’s uiteindelijk precies hetzelfde is als een uitgifte van normale effecten. Daarom valt een ico ook onder het toezicht van de SEC en moet een platform dat zich op deze manier in de markt wil zetten, zich bij de SEC registreren.

Het onderzoek van de SEC wat hieraan ten grondslag ligt, richt zich voornamelijk op de problemen die ontstonden rond The DAO, de uitgifte van digitale tokens die deelnemers stemrecht gaven binnen een digitale autonome organisatie. Deze organisatie werd kort nadat het een equivalent van op dat moment zo’n 168 miljoen dollar aan Ether (een digitale munt vergelijkbaar met Bitcoin, maar dan met meer mogelijkheden) wist op te halen, gehackt. Of niet, maar dat is vooral een verschil van interpretatie.

De bevindingen uit het rapport van de SEC stellen dat de tokens die verkocht werden tijdens de crowdfundactie van The DAO gewoon effecten waren en ook als zodanig behandeld moeten worden. Dit betekent dat een dergelijke actie zich eerst had moeten registreren en alle benodigde informatie aan de SEC had moeten overhandigen. Op die manier kan de SEC garanderen dat investeerders de juiste informatie van te voren krijgen. Daarvoor had The DAO zich moeten registreren als

De The DAO wordt niet vervolgd omdat het gaat om een nieuwe, innovatieve technologie. De organisatie ziet het wel als waarschuwing aan de industrie en deelnemende markten. Het is binnen de crypto-industrie ook geen verrassing dat de SEC hiermee aan de slag gegaan is. Het is ook een van de redenen dat verschillende ICO’s aangeven dat investeerders niet uit de Verenigde Staten mogen komen.

De SEC stelt dat per geval gekeken moet worden of het inderdaad om een uitgave van tokens gaat die vergelijkbaar zijn met aandelen. The DAO was dat wel volgens de SEC omdat het investeerders een mogelijke winst op hun investering bood. Veel bedrijven die een ICO gebruiken om geld binnen te halen, zien hun ICO’s niet als effecten of aandelen omdat ze de houders ervan geen winst of verlies in het vooruitzicht stellen; ze zoeken slechts naar investeringsgeld. De angst om de SEC liet veel uitgevers van ICO’s al op voorhand besluiten officieel geen tokens in de VS te verkopen.

Dit oordeel van de SEC komt voor vrijwel niemand in de crypto-wereld als verrassing. Of hiermee de house aan ICO’s ook een halt toegeroepen is, is onduidelijk. De vraag naar valide juridisch erkende documenten binnen de crypto-wereld zal de komende tijd vermoedelijk sterk toenemen.

Wel zorgde de uitspraak voor een koersval, maar of dat rechtstreeks aan de uitspraak te wijten is, is niet duidelijk. Sterke stijging of daling van de koersen is de afgelopen maanden zeer gebruikelijk in de crypto-wereld.

Gratis geld! Nu! (En waarom je bank verdwijnt)

Gratis geld! Nu! (En waarom je bank verdwijnt)

Zo klonk het jaren geleden in mijn oren: je kon gewoon met je computer gratis geld ‘maken’. Bitcoins heetten die dingen. Hoe het precies werkte, interesseerde me eerst niet zo veel. Toch begon het al snel te kriebelen: dit is meer dan alleen maar goudzoeken.

Het is ergens eind 2011, een rustige tijd van het jaar. Donker, maar er is een lichtpuntje: je kunt zomaar gratis geld maken op je eigen computer! Wel wat vaag, maar toch. Ik downloadde een programmaatje en… Niets. 0.00000000 BTC bleef er staan. Stom. Programma weer verwijderd.

Een jaar later, weer december, weer tijd over. Aha! Dat programmaatje was niet waarmee je geld kon maken, daarvoor had je een ander programma nodig. En jawel, ik zette mijn eerste schreden op het pad van de miners. Ofwel de goudzoekers van onze tijd. Snel ging het niet en een Bitcoin, want daar hebben we het natuurlijk over, was te weinig waard om mijn computer daarvoor drie keer zoveel energie te laten verstoken. Ik wist toen in weken computertijd iets van 2,5 euro, een 0.00nogwat BTC, bij elkaar te sprokkelen.

Nu zijn er misschien een aantal woorden voorbij gekomen die je niet kent: miner, Bitcoin en BTC. Dat is niet erg, want het zijn ook vrij nieuwe woorden. Voor ik ze verder uitdiep, even terug naar mijn gepruts in 2012. Want dat was het. Ik had drie woorden opgevangen: ‘zelf geld maken’, en dat bleek voldoende om me aan te zetten allemaal regels code te kopiëren van internet om zo mijn videokaart (dat ding wat normaal beelden op je beeldscherm tovert) te laten rekenen, aan transacties die gedaan zijn op blokken van de blockchain van Bitcoin.

Mythische bedenker

Maar wat ik deed, dat was me eigenlijk volstrekt onduidelijk. En dat terwijl het toch echt uitgelegd staat in het artikel dat Satoshi Nakamoto, het pseudoniem van de nog steeds onbekende bedenker van Bitcoin, schreef in 2008. De titel van het artikel is: “Bitcoin: A Peer-to-Peer Electronic Cash System“. De eerste zin van dat artikel luidt: ‘Een pure, peer-to-peer-versie van elektronisch contant geld dat online betalingen mogelijk maakt die direct van de ene naar de andere partij gestuurd worden zonder eerst via een financieel instituut te gaan.’

Deze eerste zin is voor de gemiddelde leek, wat praktisch iedereen toen was, lastig om te doorgronden, ondanks dat de woorden op zich niet onbegrijpelijk zijn. Waarom zou je geen financieel instituut meer willen? Behalve dan een enkele libertariër die het liefst alle instituten de nek omdraait. En wat heeft peer-to-peer-technologie ermee te maken, iets wat de meesten alleen kennen van het downloaden van films. Daarna gaat het verder met termen als: ‘digitale handtekeningen’, ‘voorkomen van dubbel-uitgeven’, ‘timestamps’, ‘transacties die gehasht* moeten worden’,  ‘proof-of-work’, ‘langste keten’, ‘cpu-kracht’, ‘aanvallers voor zijn’, ‘nodes*‘, ‘berichten die worden uitgezonden’. Veel terminologie is op zich voor mensen die iets meer met computers doen niet onbekend, maar de combinatie daarvan, daarin zit hem de genialiteit van het Bitcoin-netwerk. Het lost namelijk het ontbreken van een vertrouwde derde partij op en het probleem dat digitale zaken makkelijk gekopieerd kunnen worden, iets wat zeker met elektronisch geld geen overbodige luxe is.

Wat is Bitcoin?

Dan weet je nu wat het is, die Bitcoin en de achterliggende techniek die niet veel later tot blockchain omgedoopt werd: digitaal vertrouwen, dat is het. We stellen ons als mens niet snel de vraag hoe iemand te vertrouwen, als mens weten we hoe dat werkt: je staat naast een ander mens. Die andere persoon geeft je 20 euro. Dan weet je 100 procent zeker dat je die 20 euro hebt gekregen. Dit is heel lastig uit te voeren op internet, maar het is oh zo nodig. Dus in plaats van te vragen hoe het werkt, had ik moeten vragen: welk probleem lost [de] blockchain, of toen nog Bitcoin, op?

‘Bitcoin is geen systeem van krediet, of schuld. Het is ook geen bedrijf of wat dan ook. Het is digitaal contant geld met een eigen waarde zonder dat daar een derde partij voor nodig is. Direct, zonder tussenkomst van anderen.’ Zo legt Andreas Antonopoulos, een van de voorvechters van Bitcoin van het eerste uur, het graag uit in zijn talks. Hij stelt het heel simpel: het wordt steeds moeilijker dingen met contant geld te betalen en tussen elke betaling zit een bedrijf of een keten aan bedrijven. Bij Bitcoin is dat niet het geval. Niemand kan een bitcointransactie tegenhouden. Ook niet als er een regering of bedrijf is die wil dat die transactie niet plaatsvindt om wat voor reden dan ook. Het gaat Antonopoulos in eerste instantie om vrijheid en dat we ons zeer bewust moeten zijn van de vrijheid die we inleveren door ons over te leveren aan zo veel derde partijen die met ons geld omgaan en onze privacy. Partijen die we allemaal vertrouwen, totdat het misgaat of een regime sterk van karakter verandert. En dat dit ook bij ons kan gebeuren, is helaas zeer goed duidelijk geworden met de verkiezing van Trump.

Zo dacht ik zelf dus nog niet na over blockchain in het begin, namelijk het oplossen van de vertrouwenskwestie. Toch was me al snel duidelijk dat het meer was dan geld alleen. Klein voorbeeld: wat ik heel gaaf vond en vind, is dat elke transactie op internet te volgen is. Je kunt elke transactie die ooit gedaan is inzien op de blockchain. Dat is waar ik begon. Dat wilde ik snappen, maar achteraf had dit geen betekenis zonder begrip van online vertrouwen tussen onbekende partijen.

 

De Wiebelende Cijfertjes: Forex Trading Kraken

Fast foward naar nu

Inmiddels zijn we een jaar of vijf verder en hebben honderden ouderwetse bedrijven zich gebogen over de gebruiksmogelijkheden van blockchains. Daarnaast zijn er duizenden nieuwe bedrijven, bedrijfjes en instellingen ontstaan die bezig zijn met blockchains en sommige van die ontwikkelingen zullen uiteindelijk heel belangrijk worden voor ons normale stervelingen. Alles wordt verbonden. Alles.

Laat dit rustig op je inwerken. Alles is toch al verbonden? Ja, heel veel is al verbonden en met het Internet of Things wordt dat steeds meer. Maar de ijskast laten betalen aan de supermarkt vergt nog heel wat stappen, al te beginnen in welk land je woont, welke stad, welke supermarkt je gebruikt, wat voor betalingen die accepteert, etc. etc. Via blockchaintechnologie, ja ik gooi hem er gewoon in, kan dat in de toekomst zonder gedoe. De hele transactie, dus ook de boodschappen zelf, kunnen eraan gekoppeld worden. En die weer aan andere benodigde transacties, zoals directe verrekening van btw en accijns. De grootgrutter hoeft de btw-boekhouding niet meer te doen, dat gaat rechtstreeks naar de schatkist. En niet alleen dat, stel de parkeertijd van de zelfrijdende bestelbus die de goederen bezorgt kan zo bijgehouden worden om vervolgens via een microtransactie naar de gemeente parkeergeld te betalen. Ah, de gemeente. En het rijk. En wat al niet meer. Alles is in die zin te automatiseren en dat klinkt sommigen misschien als muziek in de oren: niet meer zelf nadenken, alles door het systeem laten doen.

Maar het idee van ‘geen banken meer nodig om iemand via internet te betalen, alsof je cash gebruikt’, wordt zo wel heel snel overboord gegooid. De mens is dan überhaupt niet meer nodig voor transacties. Zo kun je zelfs volledig autonome bedrijven oprichten waar naderhand geen mens meer aan te pas komt. Dat zorgde tot nu toe overigens voor een paar grote zeperds, maar het kán.

Ponzi’s en louche zaakjes

Als ik dit zo opschrijf, begrijp ik heel goed waarom ik niet begreep waarom het zo interessant was. Wel voelde ik een bepaalde kriebel, iets in je achterhoofd dat aangeeft: hier is iets mee. De meesten in mijn omgeving vonden dat ik naar een ouderwetse Ponzi aan het kijken was, ofwel klinkklare oplichting. Mensen associeerden Bitcoin met duistere zaakjes en daarmee was de kous af. Pas veel later kwam ik in contact met mensen die er dieper inzaten en ook echt met bepaalde toepassingen bezig waren die heel veel verder gingen dan hopen of je Bitcoin of vergelijkbare cryptomunt meer geld waard werd.

En toch wist nooit iemand uit te leggen waarom dat idee van die blockchain zo ontzettend ingenieus en interessant is. Dat lag ook zeker aan het feit dat ik nooit de goede vraag stelde, maar alleen de eerder genoemde  ‘hoe werkt het’-vraag. Dat laatste was misschien ook niet zo gek. In die begintijd sprak ik nooit met mensen die de waaromvraag nog moesten stellen. Ik vermoed zelfs dat velen daar eigenlijk niet zo mee bezig waren. Het was dan ook een turbulente tijd met bijzonder interessante types, soms zelf met ruzies die tot ouderwets handgemeen leidden.

Nu we de waaromvraag beantwoord hebben, komt de volgende stap: het begrijpen hoe diep dit op onze levens kan ingrijpen. Begrijp me niet verkeerd: ik denk dat er heel veel praktische kanten zitten aan het gebruik van deze technologie en afgeleiden daarvan. Wel maak ik me zorgen om de gretigheid waarmee bepaalde regeringen de technologie omarmen. Estland was er vroeg mee, maar nu wil Dubai als eerste een volledig op de blockchain gebaseerd systeem hebben om het land te besturen. Laten we uitgaan van nobele intenties, maar met even verder denken kan het aardig grimmig worden.

Toekomst

Voordat iedereen nu bang wordt voor blockchaintechnologie: laten we vooral in gesprek blijven over wat we zien als wellicht mooie ideeën en plannen en wat niet. Bitcoin werd bedacht om transparant te zijn en als we in die gedachte verder gaan, dan kan een idee met voldoende openheid veel praktische voordelen opleveren.

Zo is er een bedrijf in Nederland dat huizen koopt met meerdere eigenaren en vervolgens verhuurt en de huurpenningen verdeelt onder de verschillende huiseigenaren. Er zijn vergevorderde plannen om journalisten via een bepaalde blockchain veiliger hun werk te laten doen in landen waar het niet zo nauw genomen wordt met censuur en erger. Of het idee om donaties aan daklozen te doen via een blockchain zodat de donateurs weten dat het geld niet aan de strijkstok blijft hangen maar terechtkomt bij de mensen waar het voor bedoeld is. Of voor een eerlijkere verdeling van voedsel. Of een veiliger internet-of-things. Of een betere afhandeling van rechten van musici en andere rechthebbenden. Of worden er een soort van banken opgericht waarbij iedereen een rekeningnummer kan aanmaken. Iedereen, zonder dat je daar iets van legitimatie voor nodig hebt. Direct. En je kunt ook nog wisselen tussen allerlei munten en ‘normale’ valuta. Ja, het gaat best rap.

Maar eerlijk is eerlijk: lang niet alles moet in een blockchain gepropt worden. Nu is de tijd te experimenteren en fouten te maken. En die worden gemaakt. Veel, heel veel. Maar in mijn ogen: liever nu dan als we alles er zomaar klakkeloos mee op willen lossen.

* Hash: toegevoegd aan Dikke Van Dale in 2009
* Node: voorlopig toegevoegd aan Dikke Van Dale 2017

‘Deelfietsen’ belediging voor fietsers [update]

‘Deelfietsen’ belediging voor fietsers [update]

Briljant plan. Slechte uitvoering. Dit wilde ik niet schrijven. Echt niet. Voordat ik ooit op zo’n Flickbike plaatsnam verdedigde ik het concept, maar vooral ook de fietsjes. Dit laatste deed ik tegenover een Amsterdammer van midden 60. “Dat zijn toch prutfietsjes, ik heb eraan gevoeld en het is echt slappe zooi”, zei hij tegen mij. Ja, dat kan wel zijn, antwoordde ik, maar vermoedelijk zijn ze goedkoop en daardoor is het eventueel vervangen van zo’n fiets niet zo’n grote kostenpost.

Maar toen had ik er nog niet op gefietst.

Wel had ik de app gedownload en vond het wat vreemd dat die voornamelijk in het Engels was. Later las ik in verschillende interviews met een van de initiatiefnemers, zoals in Metro, dat de fiets vooral gericht is op Amsterdammers en dat die alle talen spreken, maar vooral en zeker Engels. Oké, fair point..

Niet voor de locals

Één ding weet ik zeker: ik ken vrijwel geen Amsterdammer of inwoner van Nederland die op een kinderfiets fietst na zijn kindertijd. It just doesn’t happen. Ook weet ik bijna zeker dat geen fietsenmaker een kinderfietsje verkoopt dat zo slecht fietst. Het verzet is waardeloos: je trapt je het schompes en de fiets is veel te klein. Minuscuul zelfs. De fiets zelf is nog best oké qua stevigheid en zou ik in vergelijkbare vorm maar dan een maat groter en met een beter verzet, accepteren.

Maar helaas, de fiets is wat ie is en dit is een belediging. Een belediging tegenover mensen die fietsen en dat apparaat gebruiken om van A naar B te komen. Wie heeft deze fietsen getest? Niemand? Heeft er niemand op gefietst alvorens ze goed te keuren? Ik word verdorie ingehaald door oudere dames op fietsen zonder elektromotor. Iedereen haalt me in en ik ben he-le-maal kapot na een kwartier fietsen. Ik fiets praktisch elke dag minstens 12km en zou toch tenminste wat fiets-conditie verwachten. Hiermee jaag je mensen niet van de scooter naar een fiets of van een auto naar een fiets, je zult ze hooguit een bevestiging geven dat fietsen echt zwaar #$&*&* is.

Ooit fietste ik in Cambodja op een slecht fietsje. Vergelijkbaar ding als een Flickbike en vermoedelijk een oBike (de fietsdeelfiets in Rotterdam, zag er in Amsterdam een paar voor een hotel staan, vrijwel zelfde uiterlijk en afgaande op kritiek op internet lijkt hetzelfde euvel te bestaan: je kunt nog beter rollatorraces gaan doen). Ik leende de fiets van een vriend in Siem Reap. Iedereen rijdt daar op scooters, werkelijk voor elke scheet. Ik kon alleen maar denken: het is ook niet zo gek als je zulke belabberde fietsen gebruikt dat iedereen op een scooter gaat zitten, zelfs voor die kippeneindjes. Ik begreep het eigenlijk niet. We fietsen al zo lang en weten echt wel hoe we voor weinig geld een goed fietsende fiets moeten maken, toch? Niemand maakt mij wijs dat we dat niet kunnen. Ook Chinezen kunnen dat lijkt me.

Terug naar nu. Naar vandaag, de dag dat het ideaal leek om een Flickbike te gebruiken. Mooi weer en wat noodzaak tot heen en weer te fietsen. Zelf ben ik 1,93 en in de hoogste stand komen komen mijn knieën elke keer trappen in een 90-gradenstand terug. Dat kan voor 5 minuten, maar de gemiddelde fietsafstand tussen centrum en bijna-alles-binnen-de-ring (het werkgebied) ligt op een normale fiets tussen de 10 en 30 minuten. Een no go dus voor het gros van de mensen die gewend is te fietsen in de stad. Na op en neer gefietst te zijn overweeg ik zelfs een taxi te pakken terug. Uiteindelijk ben ik waarschijnlijk gewoon een kniepert en ga ik terug proberen te ov-en, maar het laat zien hoe slecht het met de fietsjes gesteld is.

Oneerlijke concurrentie?

Waarom verdedigde ik het concept? De negatieve verhalen in verschillend kranten heb ik ook gelezen. ‘Verkapte verhuur aan toeristen’, ‘Dit gaat net als Airbnb de spuigaten uitlopen’, ‘Oneerlijke concurrentie’, ‘Door de belastingbetaler betaalde fietsrekken worden gebruikt voor fietsen waarmee geld verdiend wordt’, enzovoort. Maar met die instelling krijgen we een deel van de mensen nooit van de scooter af of uit de auto.

Stel, je wil je hele vervoersnetwerk veranderen, je wil van eigen auto’s af en het mogelijk maken overal te kunnen reizen zonder eigen bezit, dan moet je aan verhuurplannen die goed functioneren. We noemen het ook wel ‘deeleconomie’, maar dat is natuurlijk je reinste onzin. Het is gewoon een systeem om simpel en snel een fiets te huren. Zelf denk ik dan aan het gebruik van een huurauto die net te ver weg staat om even te lopen: je pakt een huurfiets en jumpt 1000 meter verder in een huurauto. Of je bent met de trein en je hoeft niet terug naar het station – dan kun je niet met goed fatsoen de veel betere OV-fiets nemen, want die moet weer terug.

Vooralsnog heb ik geen Amsterdammers op de fietsjes gezien. Wel Aziatische toeristen en dat is precies wat de fietsjes zijn: kleine fietsjes gericht op een heel andere markt. Daarin hebben de klagende ondernemers in het artikel van Trouw wel een punt.

Het ontstaan van een nieuw soort ‘geldmachines’: de ICO

Het ontstaan van een nieuw soort ‘geldmachines’: de ICO

Met cryptovaluta’s ontstond veel nieuwe bedrijvigheid op internet. Via ingenieuze netwerken kunnen gebruikers geld maken door te ‘minen’ of door te handelen of er gewoon mee te sparen. Bitcoin was de eerste. Na vele andere cryptovaluta’s of alt coins kwam enkele jaren later een soort Bitcoin 2.0 voorbij, namelijk Ethereum. Die laatste is een platform met een blockchain, de achterliggende techniek van onder andere Bitcoin, waar meer op kan dan op de tot dan toe ontwikkelde blockchains.

De ‘spelletjes’ die op de Ethereum-blockchain gespeeld kunnen worden zijn ingewikkelder, tot complete, zij het simpele, computerprogramma’s. Sinds enkele maanden is er daarom een nieuw spel: het uitbrengen in eigen beheer van een eigen munt of token door nieuwe bedrijfjes waarmee ze investeringsgeld binnen willen halen. Dit kunnen ze doen door een eigen blockchain te bouwen, maar het kan ook heel makkelijk bovenop de Ethereum-blockchain. Dat laatste is sinds enige tijd heel populair en maakt sommigen in één klap wel erg vermogend (al was investeren in Ether en een jaartje wachten misschien nog wel slimmer). Dit systeem heet een initial coin offering of ICO, ergens vergelijkbaar met een IPO, ofwel initial public offering of beursintroductie in het Nederlands.

Een ICO is in eerste instantie niets anders dan een manier om geld op te halen met een cryptotoken die in de nabije toekomst uitgegeven zal worden. Aan het bedrijf of de groep die de nieuwe token of munt introduceert, wordt een hoeveelheid aan meer gebruikelijke crypto’s met relatief stabiele tegenwaarde in fiat geld gedoneerd. De gulle gever krijgt hier geen aandelen voor maar slechts tokens die een bepaalde waarde vertegenwoordigen. De gever krijgt die tokens door te investeren via Bitcoin, Ether of welke andere munt de ICO-aanbieder ook maar wil accepteren.

De eerste keer dat ik de term ICO hoorde, is vermoedelijk iets voor de ICO van het Wings-platform geweest, in november 2016. Wings is een platform om te voorspellen hoeveel een ICO vermoedelijk op zal brengen, ook wel prediction market. Hierdoor kunnen de ‘voorspellers’ weer geld verdienen doordat een deel van de opbrengst van de ICO wordt uitgekeerd aan, jawel de beste voorspellers. De gebruikers van het platform worden geacht informatie in te winnen over de projecten waar ze een hoeveelheid Wings-tokens aanhangen en de gedachte is dat de mediaan van het geheel een goede voorspeller is van wat de betreffende ICO op zal brengen.

Op dit moment betekent dat: alles wat maar mogelijk is. De meeste ICO’s hebben een verborgen of bekend maximum met betrekking tot de maximale hoeveelheid te investeren geld of cryptovaluta, zoals Bitcoin, Ether of dollar en op dit moment wordt dat bij goed onderbouwde munten vaak gehaald.

Wat is nou het lastige van deze materie? Waarom moeten investeerders hiervan op de hoogte zijn? Om de doodsimpele reden dat het potentieel interessant kan zijn, maar ook om de valkuilen in te zien. Dat laatste is misschien wel van een groter belang voor de mensen met briljante ideeën die op een dergelijke manier hun op een blockchain gebaseerde techniek aan de man willen brengen.

Het is lastig een hoofdreden aan te wijzen waarom er zo’n enorme interesse in ICO’s is op dit moment. Een eerste grote ICO, maar toen wist ik nog niet van dat woord, werd medio 2016 gehouden met het The DAO-platform. Kort gezegd moest dat een investeringsplatform worden waarbij investeerders zelf konden aanwijzen waar geld in de vorm van die specifieke munt naartoe moest. Helaas zat er een fout in het ‘smart contract’ of computerprogramma wat op de Ethereum-blockchain draaide, waardoor er heel veel geld gestolen kon worden van de investeerders. Voor een uitleg van wat daar gebeurde, verwijs ik naar een achtergrondartikel op Tweakers. Op dat moment was Ether iets van 12 euro per stuk waard om even bijna de 20 euro aan te tikken. Daarna kelderde dat weer een eind naar beneden om in januari van 2017 ergens de 7,50 euro aan te tikken.

Om de bekende onduidelijke redenen van de crypto-wereld (pun intended) steeg de tegenwaarde van Ether ten opzichte van de Euro zeer sterk in 2017. In mei werd ruim boven de 300 euro per munt afgetikt. Ook Bitcoin maakte in dezelfde tijd een enorme stijging door en vele andere alt-coins deden datzelfde. Prachtig natuurlijk: je investeerde in een ICO met je Ether, de nieuwe munt ‘Pietjes Prachtige Munt’ wordt voor een laag bedrag verkocht en enkele weken later is die ineens zes keer over de kop en verkopen maar.

Volledig ongereguleerd kunnen allerlei vroeg-rijke bitcoinmiljonairs (en ethermiljonairs, etc.) hun crypto’s ergens anders kwijt zonder hun nieuwe rijkdom aan wat voor belastingdienst dan ook op te hoeven geven door het in te wisselen in fiat pecunia (overigens verwacht de Nederlandse belastingdienst dat bezitters van cryptovaluta het equivalent van de munt op 1 januari opgeven als bezit). Of mensen die een gokje willen wagen kunnen met hun spaarcentjes aan de slag zonder dat ze eerst bij een investeringsbank langs hoeven met hun paspoort of wat dan ook. Heerlijk ongereguleerd, al verwacht iedereen ‘in het wereldje’ dat er op den duur ergens regulering vandaan zal komen. Op dit moment zorgt het vooral voor heel veel copy-cats en een enkele, wel nuttige innovatie.

Toch zit er een mooie kant aan deze nieuwe goudkoorts in dit onbekende ‘wilde westen’. Stel je hebt een briljant plan voor een bepaalde invulling van blockchain-technologie en daar heb je na een tijd ploeteren echt een goed uitgewerkt idee voor. Helemaal uitgedacht met een tijdspad en vermoedelijk een white paper waarmee je je legitimiteit wil aantonen.

Nu moet het echt gebeuren: je hebt programmeurs nodig, liefst ook nog wat mensen die iets anders kunnen dan in code denken, er is geld voor apparatuur nodig, etc. Wil je een paar jaar vooruit plannen zonder dat je daadwerkelijk omzet verwacht te draaien, dan is daar wel wat kapitaal voor nodig. Hoe doe je dat? Even naar een zogenaamde venture capitalist stappen in een investeringsronde is niet heel makkelijk. Zeker niet als je hele ecosysteem ook nog open source by design is. Zie maar geld los te peuteren. Dat is dus nu wél te doen bínnen het eigen ecosysteem van cryptovaluta’s.

En dan is er nog een voordeel: de mensen die geld investeren, krijgen geen andelen in je bedrijf. De investeerder krijgt slechts digitale tokens of crypto-geld. Interessant genoeg zijn die tokens vaak ook weer te gebruiken om diensten van de dienst te gebruiken (veel diensten binnen die zogenaamde gedecentraliseerde applicaties of dApps functioneren door de specifieke tokens). Als de tokens eenmaal in bezit zijn, kunnen ze ook weer verhandeld worden buiten het ecosysteem van die dApps, juist omdat ze weer geen aandeel representeren in zo’n bedrijf.

Laat dit allemaal rustig bezinken. Het is pas het allereerste begin, al zal het grootste deel van de basis nu al uitgedacht worden. Zelf hoop ik dat ook andersoortige projecten, zoals meer goededoelenprojecten of projecten die juist zoveel baat hebben bij de vrijheid die het huidige blockchainecosysteem biedt(afhankelijk van welke je gebruikt of zelf maakt natuurlijk), niet volledig zullen onder sneeuwen in deze ‘Gold Rush’.

Gedenkwaardige ICO’s (alle bedragen zijn equivalenten van dat moment in dollars, bijvoorbeeld: 1 bitcoin was toen 250 dollar waard; 300.000 bitcoin opgehaald x 250 = 75 miljoen dollar):

Ethereum (1 bitcoin was goed voor 2000 ether, juli 2014): > 15 miljoen dollar

The DAO (afhankelijk moment van kopen, mei 2016: 1 ether was goed voor 100 DAO: ~ 130 miljoen dollar)

Bancor (draait op Ethereum, 12 juni 2017, door vastlopen netwerk liep de ICO 3 uur in plaats van te stoppen na de maximale cap en werd 153 miljoen dollar opgehaald met 396.720 ether)

Zie voor een overzicht van de meeste ICO’s dit Screenshot van Smith & Crown op 13 juli 2017, een adviesbureau rond crypto’s.

disclaimer: dit is geen beleggingsadvies. Zelf heb ik geen grote belangen in welke cryptovaluta dan ook, al is het onmogelijk de systemen te doorgronden zonder er zelf mee te spelen. Ook ben ik op moment van schrijven niet gelieerd aan een bedrijf dat zich actief bezighoudt met blockchain-gebaseerde technologie.

Waarom een megafietsendeelbedrijf het einde van oude fysieke bedrijven betekent

Waarom een megafietsendeelbedrijf het einde van oude fysieke bedrijven betekent

De Japanse multinational SoftBank wil naar verluid investeren in een Chinees fietsdeelnetwerk Ofo. Die laatste kreeg al eerder honderden miljoenen binnen via Alibaba en nog wat Chinese firma’s en Ofo is niet de enige die met fietsendelen bezig is.

Ondertussen in Nederland, of moet ik zeggen Europa, heeft elk stadje z’n eigen schatje. Vélib in Parijs, Bicing in Barcelona en ga zo maar door. Tegenwoordig heeft elke zichzelf respecterende stad een fietsdeelsysteem. Amsterdam heeft sinds kort Flickbike, Rotterdam Gobike en natuurlijk de aloude OV Fiets, vrij alomtegenwoordig op en rond treinstations.

De grote verschillen zitten hem vooral in hoe ziet de fiets eruit: als een of andere halve brommer of gewoon een fiets? En het verschil in stallen: moet het apparaat in een speciaal fietsenrek of kun je hem gewoon neerzetten zoals je met een fiets gewend bent (in Nederland dan).

Mijn persoonlijke voorkeur gaat uiteraard uit naar dat laatste.

Dat is toch prachtig, zul je zeggen, overal fietsen! Weg met die stinkapparaten (brommer/auto/scooter). Regent het hard? Trammetje stad in. Terug zonder regen: fietsje naar huis. Deelauto te ver weg? Deelfiets er naartoe en hop, de elektrische bolide in. Zoiets.

Nu is Amsterdam natuurlijk een microstad. nog geen miljoen mensen woont er permanent. Maar vergelijk het met de plannen van Ofo: het bedrijf wil aan het eind van 2017 (het is nu juli 2017) 20 miljoen fietsen hebben in 200 steden in 20 landen over de hele wereld. Volgens Crunchbase heeft het daarvoor al 1,3 miljard dollar opgehaald.

De alomtegenwoordigheid en de monopolie-maximalisatie van bedrijven op internet dringt nu steeds sterker door in de fysieke wereld. Was het kort geleden nog zo dat een monopolist met een ‘winner takes all’ mentaliteit voornamelijk in het digitale domein bestond, komt dat nu met zo’n wereldwijde fietsendeler wel heel snel dichtbij. Niet dat honderdduizenden bekende merken allemaal vallen onder slechts een paar grote, soms zelfs zeer onbekende, namen, nu is het wél dat ene bedrijf dat alles veroverend is. Vergelijk het met on-offline diensten als Uber en Airbnb. Er is slechts ruimte voor vergelijkbare diensten binnen een niche, zoals YouTube vs. Vimeo.

Met een Ofo en z’n enorme hoeveelheid cash to burn zit er niet veel anders op voor andere fietsendelers dan opgeslokt te worden of een interessante niche binnen het fietsdelen te worden. Hopelijk voor de paar Europese, lokale initiatieven valt dat niet al te negatief uit.