Nft’s, een zoektoch naar eigenaarschap op internet

Dit artikel verscheen in april 2021 op Tweakers.

Laten zien dat je iets bezit, een ander laten weten dat jij de eigenaar bent, eigenaar van iets unieks: daar zijn we als mens heel goed in; we houden ervan. Een uniek olieverfschilderij van Rembrandt, de eerste of juist laatste afdruk van een exclusieve foto of een gesigneerd album in gelimiteerde oplage van je favoriete band. In de echte wereld zijn we gewend dat eigenlijk alles uniek is, het een iets unieker dan het ander. Volledige uitwisselbaarheid of fungibiliteit, zoals met geld, dat is pas een bijzondere eigenschap.

In onze digitale wereld, ons ecosysteem dat bestaat uit enen en nullen, onze vrijplaats waar alles kan wat in het echt niet kan, daar is het heel lastig om zaken uniek te maken. Hoe ben je er zeker van dat iets niet gekopieerd is en niet ook bij duizenden anderen is? Dat kun je oplossen met een timestamp of tijdstempel. Als je die dan ook nog vastlegt op een zwaar beveiligd netwerk als de bitcoinblockchain, dan ben je helemaal klaar. Leg een hash van je contract, plaatje of document met een timestamp vast door het te ondertekenen met een geheime sleutel van de eigenaar en niemand anders kan er nog wat mee doen. Klaar.

Wil de mens een timestamp als bewijsje, als reçuutje? Nee blijkt, we willen meer, ook digitaal. In sommige landen is het zelfs volstrekt normaal om na een ruzie met je geliefde een digitaal stickerpack met bloemetjes te sturen. Zelfs een stickerpack voor een begrafenis is oké. Gamers herkennen dat gevoel van digitaal bezit ook en dat sijpelt nu langzaam door naar de gewonemensenwereld. Dat verklaart de recente aandacht voor non-fungible tokens of nft’s. Wat is zo’n non-fungible token en hoe maak je zo’n ding eigenlijk? Deels is het een kwestie van gevoel, maar gelukkig is er ook een technische kant die je gewoon in code kunt stoppen. Gevoel beveiligd door keiharde cryptografie.

Timestamps

Timestamps worden al heel lang toegepast, een blockchain met een goed consensusmechanisme zorgt er hooguit voor dat je zeker weet dat die timestamp in de toekomst niet kan worden aangepast en dat dus niemand iets kan wijzigen. Dat wordt ook al lang gedaan met behulp van bijvoorbeeld de bitcoinblockchain of sidechains daar bovenop of andere blockchains, zoals die van ethereum of eosio. Het Nederlandse NRC begon niet zo lang geleden met het timestampen van zijn berichten via WordProof, een Nederlandse start-up die in het afgelopen jaar een innovatieprijs won in de blockchain for social good-wedstrijd van de EU. Die timestamps kun je, samen met de verwijzing naar de eosio-blockchain, terugvinden in de bron van de berichten van die krant. De krant past dit toe om zo onder andere de betrouwbaarheid richting zoekmachines te vergroten.

Dat is slechts een timestamp, zonder verdere eigenschappen, behalve een hash. Na een eventuele wijziging moet het artikel opnieuw een stempel krijgen. Technisch solide, maar weinig franje.

Iets unieks bezitten, daar begonnen we dit verhaal mee. In de Tweakers-podcast van 11 maart ging het ook over nft’s. Jur en Wout verbaasden zich over die nieuwe blockchaingekkigheid met dingen als NBA Topshots, korte videootjes van belangrijke momenten in de footballgeschiedenis, die je kunt kopen als nft. En dat je daar niet eens de rechten op hebt; je koopt alleen de bragging rights en ‘daar is die hele handel op gebaseerd!’ roept een verbolgen Jur vervolgens uit.

Daarin lijken nft’s soms precies op het fysieke leven. Al jaren zijn er koekblikken, placemats en schorten met afbeeldingen van Rembrandts Nachtwacht te krijgen. Als je diep in de buidel tast, kun je van steeds meer kunstwerken 3d-geprinte, fysieke exemplaren krijgen, voor de leek op afstand niet van echt te onderscheiden. Toch vinden de meesten dat het werk in het museum meer waard is. Hoe laat je zien dat jij het enige echte hebt?

In de kunstwereld is het vastleggen van eigenaarschap, echtheid en herkomst al lang een gewoonte, iets wat in Nederland begon bij het opkomen van de kunsthandel in de zeventiende eeuw. De fase van experimenteren met het vastleggen van de herkomst op verschillende blockchains is ook al een tijdje voorbij. Het gaat dan om een digitaal bewijs dat bij elke keer dat een fysiek kunstwerk van eigenaar wisselt, ook de digitale token van eigenaar verandert. Letterlijk gaat het van het ene, vaak ethereum-, adres naar het andere, al zullen de meeste kunstbezitters daar geen weet van hebben omdat het achter de schermen van bedrijven als Artory gebeurt. Ook gerenommeerde veilinghuizen en andere kunsthandelaren maken gebruik van dat soort diensten, maar vooralsnog ging het slechts om het vastleggen van voorheen analoge contracten in een beter te volgen digitale vorm.

Waarom staan nft’s dan nu ineens zo in de belangstelling? Dat komt doordat Christie’s, een traditioneel kunstveilinghuis, ineens een nft ging veilen. Dat leidde direct tot een hype en veel bekendheid. Dat leidt weer tot hoge prijzen en in de nabije toekomst vermoedelijk veel tranen, maar het heeft ook tot gevolg dat een hele nieuwe groep aan de slag gaat met het onderzoeken van hoe je gebruik kunt maken van dit soort digitale tokens.

Een nft van 69 miljoen dollar

Christie’s deed in maart 2021 een stevige duit in het zakje rond digitale kunst; het verkocht een kunstwerk als nft via zijn platform. Kunstenaar Beeple stelde de nft genaamd ‘Everydays: the first 5000 days’ samen uit vijfduizend dagelijkse werkjes. Onder het Beeple-pseudoniem maakte Michael Winkelmann vijfduizend dagen achter elkaar, dus zo’n dertien jaar, elke dag een prentje. Dat begon heel knullig en eindigde best aardig. De veiling ging van start met een openingsbod van 100 dollar en sloot uiteindelijk op 11 maart met een bod van 69 miljoen dollar. De werkjes kon je overigens al eerder krijgen als losse nft’s.

De in de cryptovalutawereld bekende Justin Sun, oprichter van onder andere Tron, wilde het kunstwerk koste wat het kost hebben, maar werd op het laatste moment met een miljoentje of wat overtroefd door de eigenaar van nft-tokeninvesteringsvehikel MetaPurse, die zich MetaKovan noemt.

Op de site van Christie’s is het walletadres te zien, evenals het smartcontractadres, waarmee je in principe tot in lengte van dagen het werk moet kunnen volgen. Verder verwijst het smart contract naar een hash op het Interplanetary File System, die weer verwijst naar de plek waar het ruim 300MB grote werk opgeslagen is, al is daar het laatste woord op Twitter nog niet over gezegd.

Is dit kunstwerk nu dan in het bezit van de koper? Wie heeft het copyright? Dat hangt helemaal af van de afspraken die er vervolgens gemaakt zijn. In geval van de Topshots-serie heb je alleen de rechten op de token die je zelf bezit, niet op het videootje. Toch leidt dit tot digitale schaarste, ook al kan iedereen nog steeds hetzelfde beeld naar voren halen op het eigen scherm.

Bij de huidige hype lijkt het ook belangrijk om te laten zien dat je behoort tot de nieuwe rijken, de nouveau riche van de cryptovalutawereld. De bedragen liegen er niet om. Zo werd de eerste tweet van Jack Dorsey voor 2,5 miljoen dollar geveild als nft. Dat riep direct veel vragen op: waar gaat het hier om? Zo kun je alles wel nft’en.

De eerste hype

Eind 2017 was er een iets minder bekende hype rond nft’s met de zogenaamde Cryptokitties. Ze bestaan nog, maar zijn veel minder waard dan toen. Het is eigenlijk een spel en door je katjes met elkaar te laten ‘paren’ of ‘siren’, kun je nieuwe katjes krijgen. Je kunt je katjes verkopen of veilen, of verhuren om te laten paren. Dit kan allemaal door een destijds nieuwe standaard die was toegevoegd aan ethereum: de ERC-721-standaard. Door aan dit specifieke type smart contract bepaalde eigenschappen toe te kennen, had elk katje een unieke verschijningsvorm.

Een ERC721-token bevat wat data, heeft een eigenaar en kan weer van eigenaar veranderen. De data kan uit verschillende zaken bestaan, zoals een token-URI die verwijst naar een externe opslaglocatie van bijvoorbeeld het plaatje of de video. Meestal is dat een centraal beheerde server, maar het kan ook op het IPFS zijn. Het is niet eens verplicht om een hash van die data te maken, waarmee je in ieder geval nog iets van uniciteit kunt meegeven. Eigenlijk is het niet veel meer dan een timestamp met wat meer informatie. Om eventueel rechten over te dragen, zul je vooralsnog andere systemen moeten gebruiken, bijvoorbeeld met een ander smart contract of iets in de fysieke wereld.

Inmiddels bestaat ook de ERC-1155-standaard, een enkel contract om verschillende tokens te beheren, zoals in-game items die op zich uniek zijn, maar wel een klasse van items vormen. Of de zogenaamde composables onder ERC-998 voor combinaties tussen fungibele en niet-fungibele tokens. Daarnaast zijn het natuurlijk niet alleen op ethereum gebaseerde systemen, maar er zijn ook andere systemen actief, zoals Cosmos en natuurlijk de Colored Coins op bitcoin.

De meeste nft’s zijn plaatjes of video’s, maar sommige zijn als nft ‘geboren’ door een smart contract een actie uit te laten voeren en daarmee nft’s te creëren, zoals Cryptokitties en de CryptoPunks. Andere items die je als nft kunt zien, zijn items in games, van kleding in Fortnite tot Gods Unchained-kaarten. Ook zaken als domeinnamen zou je onder nft’s kunnen scharen.

Mick de Graaf, ethereumdeveloper, is al jaren bezig met smart contracts. Hij geeft aan dat het heel fijn is dat er standaarden zijn gekomen voor nft’s, omdat je anders geen applicaties om de tokens heen kunt bouwen, zoals een marktplaats. “Je had vroeger bijvoorbeeld de Cryptopunks en Mooncats. Die worden nu gewrapt in ERC721-tokens. Dat wrappen kun je dan doen door zelf een contract in Solidity te schrijven, maar makkelijker is het om bestaande contracten om te werken voor je eigen doel, zoals van OpenZeppelin.”

De Graaf legt uit dat iedereen voordat er standaarden bestonden, zijn eigen implementaties schreef. Daardoor was het lastig om nft’s in verschillende wallets of andere plaatsen weer te geven of te gebruiken. “Met de standaard zijn bepaalde dingen veel makkelijker geworden”, zegt hij. “Denk aan het versturen van tokens en iemand anders toestaan een token van jou te versturen. Dat kan bijvoorbeeld als je een derde applicatie hebt om een token te verkopen. Dan hou je hem wel zelf in bezit, maar als de token dan verkocht wordt, swapt de applicatie het geld voor de nft. Maar denk ook aan metadata: welk stukje hoort bij jouw token? Zoals het verwijzen naar een URI of URL, dat heeft een standaardformat waarin je kunt zien wat het plaatje is en wat de attributen zijn. Nu wordt vaak naar een IPFS-link doorverwezen. De vraag is natuurlijk: hoeveel eigenaarschap heb je als de URI naar een centrale locatie verwijst?”

Toch is het verdwijnen van bestanden geen enorm probleem volgens De Graaf. “Als niemand het meer host, is het weg, net als bij een torrent: als niemand meer seedt, is het weg. Als je echter de originele afbeelding hebt en die weer host, dan wordt die weer gekoppeld aan dezelfde hash, waardoor de afbeelding terug is. De verwijzingen zelf verdwijnen niet. Kwestie van rechtermuisknop, opslaan en als je het er een jaar later weer opzet, is het er weer.”

Iets dat waarde heeft, blijft volgens hem dan ook wel bestaan. “Als je Rollercoaster Tycoon uit 2001 wil downloaden via een torrent, lukt je dat ook nog steeds. Als het toch al geen waarde heeft en je zelf geen back-up hebt, tja, dan verdwijnt het wel. Is toch ook wel iets moois, die vergankelijkheid.”

“Als ik zelf een nft zou willen maken, zou ik dat bij iets als OpenZeppelin doen. Daar staan contracten en die kun je verder zelf samenstellen. Mensen die minder verstand hebben van smart contracts, maar die een plaatje willen koppelen, kunnen dat met iets als OpenSea of Raribles. Vergeet trouwens niet dat als je zelf een smart contract maakt en uitrolt, je er daarna niets meer aan kunt veranderen.” Het ‘minder verstand van hebben’ is overigens betrekkelijk. Je moet wel iets met web3-apps kunnen, zoals Metamask als browserextensie en tokens als ether.

“Als je naar de toekomst kijkt, kun je natuurlijk alles tokenizen. Je kunt hypotheken verpakken, hele wallets tokenizen, beleggingspakketten enzovoort. Voordat je het weet, zit je bij de credit default swaps. Aan de andere kant: je kunt wel alles volgen wat er gebeurt. Dit in tegenstelling tot wat er in de traditionele financiële wereld gebeurt.” De meeste tokens ‘leven’ op dit moment op de ethereumblockchain, maar de tokenstandaarden worden ook door andere chains gebruikt. Zo is het mogelijk om ook tokens via bridges van de ene naar de andere chain te verplaatsen.

Een andere plek waar nft’s hun praktische nut kunnen bewijzen, is in de concertkaartjesbranche. Kasper Keunen, ontwikkelaar bij Guts Tickets en van het achterliggende GET-protocol: “Nft’s in de ticketbranche zijn een uitkomst. Je kunt van alles koppelen aan een ticket. Zo kun je bijvoorbeeld programmeren dat royalty’s uitgekeerd worden aan de artiest voor tickets die worden doorverkocht op de tweedehandsmarkt. Je kunt bijvoorbeeld programmeren dat twintig procent van de doorverkoopopbrengst naar de artiest gaat. Zo hou je de bron van inkomsten bij de artiest zelf. Daarnaast kan een nft maar bij één persoon op z’n wallet staan, in tegenstelling tot een ERC20-token, die in principe uitwisselbaar is. Dan creëer je bijvoorbeeld een QR-code die de ticketeigenaar op z’n telefoon kan laten zien en laten scannen bij de ingang van een concertzaal. Die QR-code kun je encrypten met de eigenaar van de nft, de ticketkoper dus. Je kunt dan heel makkelijk bewijzen dat jij de eigenaar van de nft bent. Makkelijk en inzichtelijk, daarom zijn nft’s heel handig voor tickets.”

Keunen zegt wel dat royalty’s op zich niet via een blockchain moeten, maar dat het wel makkelijk is voor het verhandelen op secundaire markten, zoals OpenSea. Om ticketscalping tegen te gaan, kunnen de tickets waar Guts nu mee bezig is, niet doorverkocht worden via open markten voordat ze gebruikt zijn. Na gebruik kunnen ze wel via open markten verhandeld worden als collectibles.

“Het voordeel van die ERC721-standaard is dat wij zelf geen systeem hoeven te bouwen om dat te verhandelen, wat we wel moesten met ons huidige systeem, dat gebruikmaakt van de ERC20-standaard”, zegt hij. Wel zijn er zijn nog veel uitdagingen voor de start-up, want uiteindelijk kun je niet van iedereen verlangen dat ze met een wallet met ether of stablecoins rondlopen. “Je moet wel met de Adyens van de wereld kunnen samenwerken voor betalingen.”

De ethereumblockchain is niet heilig voor Guts. “We gebruiken verschillende blockchains, afhankelijk van onze wensen. Zo zijn we nu de mogelijkheden van Polygon aan het testen, een plasmachain van ethereum. Ze hebben ethereum geforkt met heel veel bridges naar ethereum. Je kunt dus dezelfde adressen en contracten gebruiken, maar het is wel gecentraliseerd. Dat kan in ons soort markt; we gebruiken wat we nodig hebben.”

Guts Tickets werkt veel in Zuid-Korea en volgens Keunen is de Koreaanse markt met K-Pop helemaal in de ban van digitale tokens. “Ze zijn daar zo digital native, daar wordt echt alles een token. Mensen kijken daar ook heel anders naar bezit, iets wat nu ook hier enigszins lijkt door te dringen.”

Op dit moment is het nog veel experimenteren met de technische aanpak van bepaalde zaken, zoals tokenomics, crowdfunding, artiesten, venues en alles wat er verder bij komt kijken. Op den duur kun je aan een nft-kaartje van alles koppelen, zoals eerder dan de rest toegang krijgen tot een album dat uitkomt. Of een meet-and-greet met de artiest, of korting in de toekomst. Voor de artiest is het fijn dat hij veel directer contact heeft met zijn fanbase.

Ieder maakt zijn eigen tokens

Deze ‘prachtige’ NFT is gemaakt van een Instagram-foto op Rarible.

Door de interoperabiliteit van de tokens kun je ze makkelijk op allerlei plekken verhandelen, terwijl je ze ook rechtstreeks aan elkaar kunt ‘overmaken’, al kun je daar wel paal en perk aan stellen in je smart contracts.

Misschien is het interessantste aan nft’s dat iedereen zonder al te veel problemen z’n eigen tokens kan maken. Dat hebben we echter eerder gehoord met de komst van internet en websites. Het maken van een nft kan dus door zelf een smart contract te maken of door gestandaardiseerde processen te doorlopen bij verschillende marktplaatsen die zelf natuurlijk weer voordeel hebben bij meer tokens. Je merkt al: nft’s zijn lastig te doorgronden, omdat ze op het snijvlak van heel veel verschillende systemen opereren, waaronder iets dat slecht in cijfertjes te vatten is: gevoel. De een vindt voetbalplaatjes heel gaaf, de ander zal zijn neus daarvoor ophalen en zweert bij Pokémon. Was de Amiibo eigenlijk niet een soort fysieke nft als je hem koppelde met je Wii?

Daarnaast kan het een soort van standaardvehikel worden voor het verkopen van normale, alledaagse items in de vorm van – buzzword – digital twins. Daarbij blijft het altijd de vraag: hoe koppel je de digitale wereld aan de fysieke? Als je die auto verkoopt, waarom verplaats je dan niet gewoon de eigenaarstoken naar de wallet van de nieuwe eigenaar? Daar heb je geen tussenhandel meer voor nodig. Koppel ook alle papieren eraan en klaar. Die belofte werd echter ook gedaan bij de vorige blockchainhype. Vergeet ook niet het bezit van bijvoorbeeld virtuele locaties in virtuele werelden of onderdelen daarvan, of musea met virtuele kunst: alles zit als een matroesjka in elkaar.

De eerste serieuze pogingen van de afgelopen tijd om de fysieke en tokenwereld te combineren, leveren lessen op voor de toekomst. De band Kings of Leon verkocht onlangs zijn album ‘When you see yourself’ als nft met als extra dat je dan een fysiek stuk vinyl opgestuurd krijgt. The New York Times verkocht een column voor 350 (!) ether, al gaat dat geld naar een goed doel. Zo zullen er tal van experimenten plaatsvinden waarvan een deel zal falen, een deel verder evolueert tot iets dat beter past en een deel zal bestaan uit speculatie.

Dit artikel verscheen op 9 april 2021 op Tweakers samen met een apart onderdeel om zélf een NFT te maken.

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.